Archeoloog wil boren naar botresten van Neanderthalers bij Assen

ASSEN - Al negen jaar kunnen ze de exacte locatie geheim houden voor het grote publiek: de opgravingsplek bij Assen. Archeoloog Marcel Niekus is verbaasd, maar is er zeker blij mee.

"Het liefst zouden we zeggen waar het ligt, om het mensen te laten zien. Maar het levert ongewenst bezoek op. Dus we hebben ervoor gekozen de locatie stil te houden. De landeigenaar wil het ook nog liever onder de pet houden", legt Niekus uit.

Neanderthalers
In 2007 ontdekte een groep wetenschappers bij Assen een kampement van Neanderthalers. "We vermoeden dat die 50.000 jaar oud is. De Neanderthalers waren nomaden, ze gingen van plek naar plek. Hier zullen ze op dieren hebben gejaagd en deze hebben geslacht. Het was dus een soort tijdelijk slachtkamp", aldus de archeoloog.

Mammoet slachten
Op de plek werden veel vuistbijlen gevonden. "Dat is het klassieke slachtgereedschap van de Neanderthaler. We gaan er dus vanuit dat hier dieren geslacht zijn, want we hebben ook een aantal vuistbijlen gevonden waar de top vanaf is gebroken. Daar kunnen we uit concluderen dat ze ook echt gebruikt zijn bij het slachten", legt Niekus uit. "We hebben helaas geen botten gevonden, maar we vermoeden dat ze jaagden op rendieren en mammoeten."

Bekijk hier hoe de vuistbijlen eruit zien.

Kinderen met bijlen
Niekus vermoedt dat er ongeveer tien Neanderthalers in de buurt van het huidige Assen waren. "We weten wel dat er kinderen hebben rondgelopen. We hebben een paar hele mooie vuistbijlen gevonden, maar ook een paar knullig gemaakte exemplaren. We vermoeden dat die van kinderen waren die het vuurstenen maken leerden."

De archeoloog wil nog jaren blijven zoeken in het gebied ergens bij Assen. "We hopen in de toekomst ook het beekdal zelf te kunnen onderzoeken. Daarvoor moeten we gaan boren, want dat zit waarschijnlijk op een meter of zeven of acht diep. Daar zouden nog botresten kunnen zitten."

Luister zondagmiddag om 14.00 uur naar Drenthe Toen op Radio Drenthe voor het hele gesprek met Marcel Niekus.
Deel dit artikel: