Plan voor Drents Scheepvaartmuseum in Hoogeveense Vaart

HOOGEVEEN - De geschiedenis van de scheepvaart in Drenthe moet een plek krijgen in een Drents Scheepvaartmuseum. De Hoogeveense werkgroep Drentse Praam heeft met dat plan haar oorspronkelijke idee voor de bouw van een historische werf naar een hoger plan getild.

Tegenover de vorig jaar gerealiseerde passantenhaven aan de Hoogeveense Vaart ligt de perfecte plek voor een Drents scheepvaartcentrum, zegt Albert Wolting van de werkgroep. Onderaan het viaduct over de A37 was daar vroeger een op- en afrit naar de snelweg. De grond is deels van de gemeente, de provincie en Rijkswaterstaat.


De werkgroep denkt over een lengte van honderd meter het kanaal te verbreden om voldoende ruimte te krijgen voor de werf. Daarnaast komt het scheepvaartmuseum.

"Wij willen bereiken dat de geschiedenis wordt vastgelegd en dat er iets te beleven valt. In het centrum moet een scheepswerf komen met scheepshelling en een werkplaats om een Hoogeveense praam te herbouwen", zegt Wolting.

Dertien werven
Hoogeveen speelde tot midden vorige eeuw een centrale rol in de scheepvaart. "Door de turfvaart in de negentiende eeuw was Hoogeveen het grootste scheepvaartcentrum van Nederland. Er waren hier wel dertien werven. In Meppel, Smilde of Zwartsluis had je er maar een paar. Maar van die werven is tegenwoordig niets meer over. In 1965 was de werf aan de Farieksweg de laatste die ermee stopte. En nu zijn er alleen nog maar foto's", aldus Wolting.

Breder plan
De werkgroep trekt op advies van onder andere de provincie en de Koninklijke Nederlandsche Heidemaatschappij haar plan breder. "Je kunt de historische verenigingen van Diever erbij betrekken, omdat zij veel over Dieverbrug kunnen vertellen. Dat heb je ook in Smilde. En Gasselternijveen was een centrum van de scheepvaart die zelfs uitgroeide tot scheepvaart op zee. Iedereen kan dingen bij ons project inbrengen."

Oud-gemeentearchitect Koos Kip is lid van de werkgroep Drentse Praam. Hij ziet er zelfs een voordeel in, dat de werf zo dicht langs de A37 ligt. "Dan kun je daar ook reclame maken. En van het lawaai heb je geen last, want het zijn allemaal activiteiten die niet lawaai gebonden zijn. En de plek ligt tegelijkertijd op loopafstand van het centrum."

Twee miljoen euro
De kosten raamt de werkgroep op anderhalf tot twee miljoen euro. Daarbij is er hoop op Europese subsidie uit het LEADER-fonds en bijdragen van bijvoorbeeld de Postcodeloterij, de Rabobank of TVM.

De komende maanden maakt de werkgroep een plan van aanpak af. "Dit wordt hier een soort kleine Batavia-werf", zegt Wolting. De werkgroep hoopt de komende tijd veel bekendheid te geven aan haar plan en "zoveel reuring te geven dat heel veel mensen er achter gaan staan."
Deel dit artikel: