Ondernemend: Stof, staal en sentiment op de scheepswerf in Meppel

MEPPEL - Aan het eind van het Meppelerdiep, daar waar het water overgaat in de Drentse Hoofdvaart, zit de scheepswerf van Wout Liezen, oftewel 'mannen en schepen van staal'.

"Nee, watjes kunnen we hier niet hebben", glimlacht Liezen. Op scheepswerf Liezen worden vooral schepen gerestaureerd. Grote vaartuigen van soms bijna negentig meter lang: een vak apart.

Vrije jongens
"Zomers snikheet, 's winters steenkoud. Ik zeg wel eens: je moet gek wezen om op een scheepswerf te werken", zegt Liezen. Hij en zijn jongens zijn uit hetzelfde hout gesneden. "Het is een heel apart beroep. Het is een heel zwaar beroep, maar de jongens die hier lopen, die willen niet anders. Het is een vak met een stuk sentiment erin. Het is een heel apart vak, een apart wereldje", meent Liezen.

"Het vak op zich, dat heeft wat. Er komt een schip binnen met schade. Elke keer maak je wat. Als dat dan klaar is, dan geeft dat toch een bepaalde voldoening, waar die jongens op uit zijn. Je levert wat af", vertelt de scheepsbouwer trots.

Oudste bedrijf van Meppel
"Toen wij het overnamen in 1999 liepen hier nog mensen die hier hun hele leven gewerkt hebben, wiens vader hier het hele leven gewerkt heeft en ook wiens grootvader hier zijn hele leven gewerkt heeft. Het is echt wel een bedrijf waar de jongens vastzitten", vertelt de eigenaar. Het bedrijf heette voor de overname Worst en dat bestaat al sinds 1788.

Samen met zijn vrouw Annie en zijn beste maat Roelof heeft Liezen van de werf weer een goed lopend bedrijft weten te maken. Een klein en overzichtelijk bedrijf. "Daar leggen we de nadruk ook een beetje op. Het moet hier gemoedelijk gaan. Er moet wel wat gebeuren natuurlijk, maar de mensen moeten tevreden wegvaren", besluit Liezen.
Deel dit artikel: