Veertig jaar na de gijzeling in Bovensmilde: 'Ik weet nog precies bij welk raam ik stond'

BOVENSMILDE - "Mijn missie was dat mensen die er zoveel problemen mee hadden, geholpen zouden worden. Gelukkig zijn veel mensen daarin geslaagd, maar er zijn ook mensen die er absoluut niet over wilden praten."

Astrid van der Scheer praat wel makkelijk over de gijzeling van de openbare basisschool in Bovensmilde, dinsdag precies veertig jaar geleden. Zij was een van de 105 kinderen die vier dagen gegijzeld werden in de school door een groep Molukkers. "Ik zat in klas vijf en was bijna elf jaar", vertelt zij in het Radio Drenthe-programma Cassata.

Het bekendste beeld van de gijzeling was van de kinderen die uit het raam schreeuwden: 'Van Agt, wij willen leven!' "Ja, dat was onze klas", weet Van der Scheer. "Tien jaar geleden kon ik daar niet naar kijken, nu wel. Als ik de beelden zie, weet ik nog precies bij welk raam ik stond. Maar ik krijg nog steeds wel eens kippenvel."

'Huilende kinderen'
De eerste herinnering die zij heeft aan de gijzeling is het gevoel van alleen zijn. "En dat terwijl je met zoveel mensen bent. Maar dat is voor iedereen anders."

Van der Scheer vraagt zich soms wel af hoe haar leven eruit had gezien zonder de gijzeling. "Er zijn wel dingen waarvan ik denk, dat zou daarvan kunnen komen. In een bioscoop zitten, hoestende mensen en huilende kinderen... Er waren toen namelijk ook heel veel kleintjes bij uit de eerste en tweede klas. Dat doet je daar dan aan denken, dat is toch een bepaald trauma dat je hebt opgelopen."

Toch van Van der Scheer er op een gegeven moment wel 'klaar' mee. "Je kan er ook in blijven hangen. Ik wil helemaal niemand pijn doen, maar er zijn mensen die er 's ochtends mee opstaan en 's avonds mee naar bed gaan. Dat is erg genoeg, maar je moet jezelf ook een schop onder de kont geven. Er is meer in het leven."

Molukse wijk
Van der Scheer woont tegenwoordig in de Molukse wijk in Bovensmilde. En dat is best bijzonder, vindt ze. "Er is nog steeds een ouderwetse regel dat je toestemming moet hebben van de wijkraad. Ik dacht: ik zeg niks en begin niet over de gijzeling. Maar toen vroegen ze of ik hier op school had gezeten. Ik ben heel dankbaar dat ik hier kan wonen."

De plek waar vroeger de school stond, tussen de Molukse en Nederlandse wijk, was jarenlang niet meer dan een stuk gras. "Nu is het een prachtige plek geworden", vertelt Van der Scheer. "Ik rijd er elke dag langs en dat is prima. Er spelen Molukse kinderen en Nederlandse kinderen. Het is een open plek, het is geen afscheiding meer."
Deel dit artikel: