Mediterrane tijgerspin voelt zich thuis op Ruiner es

RUINEN - Een nieuwkomer in de insectenwereld is in groten getale te zien in de akkerranden van Natuurmonumenten op de es van Ruinen: de tijger- of wespspin.

Het kleurige diertje heeft een lijfje van ongeveer een centimeter groot en meet met poten en al een centimeter of 3 in doorsnee. De kleuren zijn, zoals de naam al doet vermoeden, geel, zwart en wit.

Zeldzaam
De tijgerspin komt oorspronkelijk uit het Middellandse zeegebied. In Nederland was deze soort vrij zeldzaam. De laatste jaren rukt het diertje op naar het Noorden, mogelijk door de warmere zomers als gevolg van de klimaatsverandering. In de extensief beheerde akkers van Natuurmonumenten vindt de spin kennelijk een plezierig onderkomen. "Wie aan zo'n akkerrand door de knieën gaat om even rustig te speuren vindt ze zo. Er zitten er genoeg", aldus Albert Kerssies, vrijwilliger en oud-boswachter van Natuurmonumenten.

Natuurmonumenten investeert veel moeite in het in stand houden van een aantal akkers, zoals die 50 jaar geleden waren. Er werd rogge en boekweit geteeld, gewassen die goed gedijden op de arme zandgronden. Kunstmest was er nog niet, de enige bemesting die er was kwam uit de schaapskooien.

Insectenlokkers
Vele bloeiende planten zorgden voor kleur langs de karrensporen. Wilde akkerplanten die nu zo goed als verdwenen zijn vonden er een plekje, tussen de granen of langs de ramen. Slofhak, korenbloem, schijfkamille en korensla waren veel voorkomende soorten. Zij lokten een keur aan insecten aan.

Op een paar plekken in Drenthe is die oude situatie nog steeds te zien, dankzij jarenlange inspanningen van natuurbeheerders. Zoals op de es van Ruinen, waar rogge en boekweit op de ouderwetse manier worden geteeld. De kleurige tijgerspin is een nieuwe bewoner van deze planten en insectenrijke akkers.

Drenthe Toen
In Drenthe Toen, het radioprogramma over de geschiedenis van Drenthe, meer over de roggevelden van weleer. Drenthe Toen is zondag tussen 14.00 en 15.00 uur te horen.
Deel dit artikel: