Krimpcoach relativeert bevolkingsgroei: 'Wat is er nu erg aan minder inwoners?'

BORGER - In Drenthe is het aantal inwoners tussen januari en november vorig jaar met ruim 2.500 mensen toegenomen. Dat klinkt als goed nieuws, maar krimpcoach Jacob Bruintjes uit Borger hecht er weinig waarde aan.
"Dan zou je steeds blijer moeten worden als er meer mensen komen", zegt hij. "Je moet juist kijken wat deze groei betekent en waar die vandaan komt. Wat betekent dit voor gemeenten als je kijkt naar het beleid dat gevoerd moet worden over bijvoorbeeld woningbouw en scholen." Bruintjes volgt de ontwikkelingen op het gebied van krimpregio's en geeft hierover advies.


'Niet stoppen met nadenken'
Voor sommigen is groei volgens Bruintjes een seintje om te stoppen met nadenken. Een slecht idee, vindt hij. "Dat raad ik af. Je moet vooral nadenken over hoe de samenstelling van mijn bevolking is en hoe die over tien, twintig of dertig jaar is."

"We hebben onszelf een beetje wijsgemaakt dat het alleen maar goed gaat, als alles groeit", vervolgt hij. "Stel dat we in Drenthe 10 procent minder inwoners zouden hebben over 20 jaar. Wat is daar nu erg aan? Het is veel belangrijker om te kijken naar de samenstelling: hoeveel jongeren en ouderen zijn er?"

Noordenveld spant wat groei in onze provincie betreft de kroon met 1.239 extra inwoners. Volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek komt het omdat daar relatief veel asielmigranten zich inschreven. Gemeenten kunnen daar wel van profiteren. "Aan een asielzoekerscentrum is veel werkgelegenheid gekoppeld, kijk maar naar veiligheid en infrastructuur. Voor de reguliere opbouw van voorzieningen maakt het minder uit", aldus Bruintjes.

'Vergrijzing is niet erg'
Volgens Bruintjes slaat, ondanks de bevolkingsgroei, de vergrijzing nog altijd toe in Drenthe. "Vluchtelingen die naar ons land komen, zijn over het algemeen jongere mensen. Dan denk je dat Drenthe ineens jonger wordt, maar dat is niet zo", stelt hij. "Alle mensen die een bepaalde leeftijd bereiken, blijven hier en worden ouder."

Bruintjes vindt vergrijzing niet per se erg. "Ik zie het juist ook als een kans, want de mensen tussen de 65 en 75 jaar noem ik ook wel het zilveren kapitaal. Die mensen zijn vaak nog heel actief in het leven en doen bijvoorbeeld nog vrijwilligerswerk. Daar hebben we ontzettend veel voordeel van."