Drentse mannen vochten in het leger van Napoleon

BEILEN - Duizenden Nederlandse jongens trokken in 1812 onder leiding van Napoleon Bonaparte naar Rusland. Onder hen waren naar schatting zo'n vierhonderd Drenten, zegt onderzoeker Gerben Dijkstra uit Beilen.
"Napoleon had een enorm leger, met soldaten uit alle landen", legt Dijkstra uit. "Hij wilde een groot volksleger op de been hebben. In Nederland werden er zo'n 15.000 tot 20.000 mannen opgeroepen. Omdat Drenthe heel dunbevolkt was, kwamen hier niet heel veel soldaten vandaan."

'Namen verzamelen'
Drenthe behoorde toen samen met de provincie Groningen en een stukje van het Eemsland tot het departement Westereems. "De burgemeesters hadden de taak om namen te verzamelen van jongens die geboren waren in 1788, 1789 en 1790. Dat deden ze bij de plaatselijke predikant", beschrijft Dijkstra. "Die had de dooplijsten."

Die lijsten werden daarna naar Assen gebracht. "Een ambtenaar schreef die namen vervolgens over op een grote lijst. En dan werd je opgeroepen." Je kon als jonge soldaat vrijstelling krijgen als je bijvoorbeeld kleiner dan 1.55 meter was of als je moeder weduwe was en je als enige man in huis voor haar moest zorgen.

Leger als uitweg
Volgens Dijkstra zagen veel mannen het leger als een soort uitweg. "Dat waren jongemannen die geen toekomstperspectief hadden. Anders moesten ze een bestaan opbouwen als dagloner of arbeider. Of het waren kinderen van ongehuwde moeders. Kortom: jongens uit de onderste laag van de samenleving."

Een van die jongens was Obbe Bos uit Gieten, vertelt Dijkstra. "Hij bleef daarna ook in het leger. Uiteindelijk kon hij een café kopen."

Slag bij Waterloo
Dijkstra probeert de verhalen te reconstrueren en zo de jongemannen een gezicht te geven. "We dreigen deze verhalen uit het oog te verliezen."

De verhalen van de Drentse soldaten zijn vooral bekend door brieven. Zo ook het verhaal van Nijsingh Renting uit Erm. "Hij schreef bijvoorbeeld over de tocht richting Rusland. Hij behoorde tot de eerste groep, die in de warme zomer van 1811 vertrok. In zijn brieven beschreef hij ook de leefomstandigheden in Duitse steden die ze tegenkwamen."

Een ander verhaal is dat van Albert Geerts-Oosting. "Hij schijnt volgens de overlevering daags na de geboorte van zijn tweede zoon in mei 1815 op zijn paard te zijn gestapt, naar Waterloo. Hij heeft daar meegevochten tijdens de Slag bij Waterloo."

Dit verhaal zat vandaag in ons geschiedenisprogramma Drenthe Toen. De radio-uitzending kunt u hier terugluisteren.