'De rest van Nederland stond nog onder water toen wij hier al beschaving hadden'

ASSEN - Het Drents Museum in Assen gaat zich in de toekomst meer richten op de belangrijkste verhalen uit de geschiedenis van Drenthe. "We zijn die verhalen aan het selecteren en gaan ze vertellen aan de hand van objecten."
Vertrekkend directeur Annabelle Birnie maakte de toekomstplannen van het museum bekend in het Radio Drenthe-programma Cassata.

Berend Botje
Als voorbeelden van belangrijke verhalen uit de geschiedenis noemt Birnie het Meisje van Yde, Berend Botje, Kamp Westerbork, de Kano van Pesse, de gevangenissen en de koloniën. "Die verhalen zijn allemaal zó belangrijk voor Drenthe en daarom moet je er in het Drents Museum wel iets van terug kunnen zien."

De culturele identiteit van Drenthe moet meer in het museum terug te zien zijn. "Dat wordt ook een leidraad in het museum die we nu aan het ontwikkelen zijn tot 2020. Er liggen fantastische plannen voor. Ik zal ze niet meer gaan uitvoeren, maar ik zal ze op de voet gaan volgen. Het wordt heel mooi."

Drenthe als bakermat van Nederlandse cultuur
"Het is natuurlijk de bedoeling dat iedere Nederlander in z'n leven een keertje naar de bakermat van de Nederlandse cultuur komt kijken. De rest van Nederland stond nog onder water toen wij hier al beschaving hadden. Ik denk dat we dat veel meer mogen claimen."

Internationale tentoonstellingen
Birnie weerlegt de kritiek dat het Drents Museum vooral veel internationale kunst en cultuur laat zien, met tentoonstellingen over onder meer de Dode Zeerollen, mummies, Het Terracottaleger en de Russische kunst Peredvizhniki.

"Ik kan me heel levendig de tentoonstellingen over Cuby and the Blizzards, het Meisje van Yde, het grootste poppenhuis van Nederland en de Kano van Pesse herinneren. Die trekken toch behoorlijk veel aandacht van het publiek."

Afscheid
Op 13 april neemt Annabelle Birnie afscheid als directeur van het Drents Museum in Assen. Op 1 mei begint ze als directeur van het Amsterdams Fonds voor de Kunst.

Deel dit artikel: