Onderzoekers RUG: Economie Drentse steden staat onder druk

ASSEN - De Drentse HEMA-steden en Coevorden komen economisch onder druk te staan. Dat komt doordat de ontwikkeling van die steden vooral aan de 'productiekant' zit en te weinig aan de 'ontwikkelkant.' Dat geldt vooral voor Hoogeveen en Emmen.
Dat concluderen Sierdjan Koster en Arjen Edzes van de faculteit Ruimtelijke Wetenschappen en Geografische Economie van de Rijksuniversiteit Groningen. Kosters en Edzes maakten op verzoek van Provinciale Staten een quick-scan hoe de Drentse steden er economisch voor staan.

Ontwikkelen versus produceren
Volgens de onderzoekers wordt door uitbreiding van de markt de kennisontwikkeling van de beroepsbevolking een steeds belangrijkere vestigingsfactor. Koster en Edzes: "Er is sprake van een toenemende polarisatie op de arbeidsmarkt. Mensen aan de 'ontwikkelkant' van de economie zijn gewild en hun werk wordt hoger gewaardeerd. Hun lonen stijgen." 

Daartegenover staan volgens de onderzoekers mensen van de (re)productiekant. De lonen dalen en arbeidsrelaties worden onzekerder door steeds meer flexibele inzet. Steden als Hoogeveen en Emmen, met veel productiewerk, zijn kwetsbaar doordat ze economisch afhankelijk zijn van bepaalde industrieën.

Bovendien hebben ze last van wereldwijde concurrenten die productieafdelingen verplaatsen naar andere plekken, waar arbeid goedkoper is. "En de Drentse HEMA-steden plus Coevorden drijven vooral op productie. Hoogeveen en Emmen in extreme mate", zegt Koster. 

Health Hub goed voorbeeld
In steden met een ontwikkeleconomie zijn ideeën zijn nog niet vastomlijnd en vergen veel onderling overleg, afstemming en feedback. Dat is volgens de onderzoekers het beste te organiseren wanneer mensen elkaar face-to-face kunnen spreken. Met andere woorden, kosten voor dit soort activiteiten zijn hoog en het loont daarom om dichtbij elkaar te zitten.

Koster: "Denk aan de Health-HUB in Roden, dat is ontstaan uit het vertrokken Cordis (producent van medische producten red.). Van productie naar ontwikkeling. De ontwikkeleconomie draait op slimme mensen en de plekken waar deze mensen wonen spinnen hier garen bij."

Drentse bevolkingsopbouw helpt niet
In vergelijking met grotere steden en gebieden in de Randstad is de bevolking in Drenthe minder divers. In onze provincie zijn minder internationale kenniswerkers en internationale studenten. Bovendien zijn er minder verschillen in etniciteit, buitenlandse afkomst en leeftijdsopbouw.

Een minder diverse bevolking werkt over het algemeen negatief door in de potentie van innovatie en economische groei in productie. Door het ontbreken van een universiteit ligt het opleidingsniveau in Drenthe beneden het Nederlandse gemiddelde. Het gemiddelde baanniveau in de provincie laat een vergelijkbaar beeld zien, met relatief veel banen op het laagste niveau. Juist deze banen staan volgens de onderzoekers op de tocht.

Assen en Emmen zwak
Ook de verzorgingsfunctie van de steden staat onder druk. Juist hier bevinden zich winkels en diensten die beïnvloed worden door uitbreiding van markten, doordat klanten dankzij betere verbindingen gemakkelijk verder kunnen reizen. Maar ook online verkopen zijn een onderdeel van die druk.

De relatief kleine diversiteit van de bevolking zorgt ook voor een op elkaar lijkend en daarmee kwetsbaar aanbod van winkels en andere voorzieningen. Het Planbureau voor de Leefomgeving omschrijft Assen en Emmen in dit verband als zwakke winkelsteden die niet veel toevoegen.

Ontwikkel zelf kennis
Koster en Edzes hebben wel een tip voor Drenthe: denk in netwerken, maar ontwikkel vanuit de eigen regio. Drenthe is namelijk klein. En ga zelf mensen opleiden. Koster: "Zet niet in op het binnenhalen van Tesla, maar ontwikkel meer vanuit de mensen hier."

Lichtpuntje is volgens de onderzoekers de aantrekkelijke woonomgeving van Drenthe. Dat kan een werknemers met kennis over de streep trekken in de provincie te gaan wonen. Belangrijk is wel dat de verbindingen met de steden waar ze werken goed geregeld zijn. "Maar belangrijker is om hier dingen te ontwikkelen."