De fipronilcrisis, een jaar verder: 'Het is nog steeds een open wond'

ODOORNERVEEN - Eieren konden niet verkocht worden en de kippen werden vergast. Het is een jaar geleden dat de fipronilcrisis uitbrak. Het werd een nachtmerrie voor pluimveehouders. Mariska Oving was een van hen. "Het is nog steeds een open wond."
"Je kunt het vergelijken met een rouwproces", zegt Oving. "Na een jaar kijk je terug naar wat er in de tussentijd gebeurd is. Dat is erg heftig. Niet alleen bij ons, maar ook bij de andere gedupeerden."

'De eieren stapelden zich op'
De kippen van Oving hadden destijds last van bloedluis. Daarom schakelden zij en haar man een bedrijf in om deze te bestrijden. Later bleek dat het bedrijf werkte met een bestrijdingsmiddel waar het verboden en giftige middel fipronil in zat. 

"We kregen vervolgens een telefoontje van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA red.) dat we verdacht werden. Daarna ging het bedrijf meteen op slot", memoreert Oving. Vervolgens kwam iemand langs om de eieren van het bedrijf te checken. "Voordat ze getest waren, waren we een week verder. Ondertussen stapelden de eieren zich op."


Twee stallen weggooien
De uitslag was niet goed. "Vervolgens kom je in een nachtmerrie terecht. Je overlegt met collega's en de vakbond wat je moet doen. We besloten dat we twee stallen met dieren moesten weggooien. De kippen werden vergast. En zoiets moet je zelf allemaal regelen."

Gelukkig kon het stel op steun rekenen van collega's, vrienden en familie. "Mensen hebben met dooie dieren gesleept om te helpen. Je leeft in een roes, je moet door. Daardoor verwerk je niet."

Kort geding
Oving richt haar blik op de toekomst. Al zijn er zaken waardoor terugkijken soms onvermijdelijk is. "Het rapport is pas verschenen. En wat er in staat is niet duidelijk. We hebben een kort geding aangespannen, dat begint in januari 2019. Er zijn dus open eindjes en daarom is het lastig om het allemaal een plekje te geven.
Deel dit artikel: