Kabinet steekt 20 miljoen in regiodeal voor Zuidoost-Drenthe

Zuidoost-Drenthe krijgt 20 miljoen van het kabinet voor ontwikkeling van de regio. Plannen moeten nog worden gemaakt maar doel is om sociaal-economische problemen in de Zuidoosthoek op te lossen.
Het heet regiodeal omdat het kabinet van de regio eenzelfde bedrag verwacht. In totaal is er straks dus 40 miljoen euro beschikbaar. Dat is wel minder dan de aanvraag van de provincie en gemeenten. Zij mikten op het dubbele. 


De grensregio Zuid- en Oost-Drenthe heeft volgens gedeputeerde Henk Jumelet veel mogelijkheden en kansen, maar kent ook grote sociaal-economische opgaven. Zo neemt het aantal inwoners af en is er sprake van vergrijzing en ontgroening. Er komen minder jongeren bij en jongeren trekken ook nog eens weg uit de regio. Hierdoor komt het klimaat voor werken en wonen onder druk, met gevolgen voor de leefbaarheid van het gebied.

Werken, wonen en welzijn zijn de belangrijkste aandachtspunten binnen de regiodeal. Het geld gaat naar onder meer arbeidsmarkt, onderwijs, woningen en zorg. Bij al de plannen zijn duurzame energie, goed internet en een samenleving waar iedereen aan deelneemt belangrijk.

Rotte kiezen
Veel werkende mensen in Zuidoost-Drenthe hebben een mbo-opleiding. Er is veel maakindustrie. Maar die verandert snel. Daarom moeten mensen worden om- of bijgeschoold. Ze moeten bijvoorbeeld leren werken met waterstof. Ook moet het mbo-onderwijs verbonden worden met de bouw.

Het geld kan ook gebruikt worden om rotte kiezen in een dorp op te ruimen door bijvoorbeeld verpauperde panden te slopen of een nieuwe bestemming te geven. Herinrichting dus. 

Ook moeten inwoners meer hulp krijgen om hun huizen duurzamer en energiezuiniger te maken. De regio wil versneld inzetten op duurzame energie, ook in het bedrijfsleven.

Gelukkig
Bij die economische ontwikkeling is welzijn ook belangrijk. Mensen met werk zijn gelukkiger en leven waarschijnlijk ook gezonder. In Zuidoost-Drenthe is de zorgvraag hoger door een ongezondere leefstijl dan gemiddeld.

De komende maanden moeten de gemeenten Aa en Hunze, Borger-Odoorn, Coevorden, Emmen, Hoogeveen, Hardenberg en de provincie projecten inleveren bij het kabinet. Dat doen ze samen met maatschappelijke organisaties, kennis- en onderwijsinstellingen, bedrijven en inwoners. De provincie moet daarna met het kabinet verder onderhandelen. In maart 2019 moeten de eerste projecten duidelijk zijn. Het geld is voor een lange uitvoeringsperiode tot 2030.
Deel dit artikel: