​Feest op tafel in vroeger tijden

Carolina Verhoeven en Henk Nijkeuter in Drenthe Toen (Rechten: RTV Drenthe/Sophie Timmer)
Carolina Verhoeven en Henk Nijkeuter in Drenthe Toen (Rechten: RTV Drenthe/Sophie Timmer)
De feestdagen zijn van oudsher dagen om flink uit te pakken. Met een bijzondere maaltijd, altijd seizoensgebonden en voldoende (sterke) drank.
Culinair etnologe Carolina Verhoeven en literatuurhistoricus Henk Nijkeuter laten in Drenthe Toen hun licht schijnen over de tijden dat vegetariërs en geheelonthouders slechts in stilte aanschoven.

Vlees en pudding

Vlees had een vaste plaats op het menu. Dat was rund- en varkensvlees, maar bijvoorbeeld ook gans. Carolina Verhoeven: "Hier zijn veel ganzen, vooral aan de kust bij Delfzijl, die hadden zich de hele zomer volgegeten, waren ze lekker dik en log. Die werden dan met Sint Maarten gevangen en met de kerstdagen gegeten. Nijkeuter voegt toe: "De huisslacht vond plaats vanaf november, er kwam een huisslachter en de huisvrouw zorgde er voor dat het zwien werd vetgemest, zodat het een goede speklaag had en geslacht kon worden."
Verhoeven: "En dat vet moest vier vingers dik zijn. Alles van het varken werd gebruikt. Maar er werd ook niet zoveel vlees gegeten, zoals wij dat nu doen, er werd meer een eenpansgerecht gemaakt, waar ook stukjes vlees in kwamen. Dat was voor iedereen gelijk. Wij eten nu veel meer vlees, het volume is groter. En er waren veel meer vastenperiodes in Nederland, veel meer dan nu."
De echte klassieke puddingen ontbreken niet in de feestmaand. "Ik heb hier een kweeperenpudding bij me naar een recept uit 1850. Die werd gebakken, de kweepeer werd zachtjes gegaard, want de kooktijden waren anders. Er was ook een andere warmtebron en daaroverheen ligt een hele lichte kap van een patroon, wat het ook extra feestelijk maakte" aldus Verhoeven.

Jenever en Boerenjongens

Bij zo'n beetje elke hoogtijdag wordt drank geschonken. Nijkeuter: "Dat hoort er bij, ook het 'neijoar winnen' ging gepaard met heel veel drank je moest ook zorgen dat je in huis wat onder de kurk had, want de hele buurt kwam langs." Het was vaak gedestilleerd wat men dronk. In Drenthe vooral veel jenever. Maar wijn was er ook, licht Verhoeven toe: 'Dat waren vaak lokale wijnen, van vlierbessen en van pruimen. "
En wat temperatuurbeheersing betreft, die was er niet. "Dus had je winterbier, zomerbier, herfstbier enzovoort, dat was altijd wisselend. Daarnaast had je ook nog de boerenjongens, voor de vrouwen was er een lichtere versie. die werd eerst gebruikt als er een geboorte aangekondigd werd, want er kwam een 'boerjong'. Later werd dat boerenjongens. Een oeroude drank. Krenten en rozijnen had je altijd", aldus Verhoeven.

Bedelfeesten

Eten en drinken. Dat is dus van alle tijden. "En bedelen", voegt Nijkeuter aan het rijtje toe. "Heel veel van die feesten waren eigenlijk van oudsher bedelfeesten, het uitdelen van eten aan arme mensen die al bedelend langs de deuren gaan, voor iets extra's, later werden dat kinderen."
Hoe het uitdelen van eten, ook aan je personeel dat doorgaans op Tweede Kerstdag vrij kreeg om de familie te bezoeken, zich ontwikkelde tot het kerstpakket van vandaag de dag, is straks te horen in Drenthe Toen. Dat en meer op Radio Drenthe van 14.00 tot 16.00 uur.