Tentoonstelling en boek voor jarige Egbert Streuer

Egbert Streuer viert dit jaar zijn 65e verjaardag. In het Drents Museum in Assen is vanaf 10 februari een tentoonstelling over hem te zien en er komt een gelijknamige boek uit: 'Egbert Streuer – Nederlands meest succesvolle wegracecoureur'. De meervoudig wereldkampioen Streuer zelf blijft er, zoals eigenlijk altijd, nuchter onder.
Streuer (uit te spreken als Streu-er, en niet als Stroier, lezen we in het boek van Natascha Kayser) doet zijn verhaal in zijn sfeervolle Saksische boerderij in Grolloo.

Technisch gepiel
We beginnen bij het begin: de voorliefde voor technisch gepiel zat er al vroeg in. Zijn eerste motorblok had hij op de lagere school. "Kreeg ik van een neef. Geïnteresseerd was ik al. Haalde ik uit elkaar, bouwde ik weer op, en op die manier wist ik hoe het werkte. Daarna kreeg ik m'n bromfiets en daarna kwam er een auto."

Op de mts in Emmen reed Egbert zichzelf en de klasgenoten naar school. "Een diesel. Pasten zes man in, 's morgens haalde ik ze op, de eersten in Assen. Bij Deurze pikte ik nog twee op en de laatste kwam bij De Kiel aan boord, en zo ging het hele spul naar Emmen toe." 

Start- en middelpunt: het café 
School had niet zijn grootste belangstelling, de sport wel. Een belangrijk fundament, gelegd in de jaren zeventig, voor die sportieve carrière was 'Café Ongeregeld'. Op de hoek van de Groningerstraat en het Kanaal in Assen, gerund door kroegbaas en zijspancoureur Jaap Geerts.

Streuer: "Niet alleen omdat het een café was, maar omdat Jaap Geerts daar zat. Jaap heeft er heel veel voor gedaan, wat betreft sponsoring en dergelijke. Hij reed natuurlijk zelf, maar hij had echt oog voor de sport. Die eerste sponsoren waren heel belangrijk. Bill Braaksma en Riemer van der Velde. We kregen motorpakken, vervoer werd geregeld; busje mochten we gebruiken. Het ging steeds verder en toen kwam er een beetje resultaat."

Reeks van bakkenisten 
Zijn eerste bakkenist was Johan van der Kaap (overleden in 2010). Hoe zit een bakkenist er eigenlijk bij? Streuer: "Je moet natuurlijk goed kunnen bewegen. Van der Kaap was toen ook jong, dat 'ie inderdaad lengte had (hij was 1 meter 90) dat is niet anders. Daar start je mee op. Een handicap is het niet geweest. Het was nog niet helemaal professioneel toen."

Maar dat veranderde. "Ongeveer 1980 was dat, toen werd het serieus. De resultaten werden beter, dan kom je op de voorgrond te staan, krijg je verplichtingen, ten aanzien van een heleboel dingen en dat vond hij minder leuk. Opdraven voor fotootjes voor de pers, nou, daar had hij geen behoefte aan. Later is hij als monteur meegegaan, en dat vond 'ie weer heerlijk."

Streuer en Schnieders
Met Assenaar Bernard Schnieders (overleden in 2005), beleefde Streuer gouden jaren. "Johan zei zo ineens, ik heb er geen zin meer in. Ok, dat moet je respecteren, van de ene op de andere dag en het seizoen begon. Ik zit bij Jaap Geerts, naast Bernard Schnieders en zeg: 'ga jij maar mee dan'. Leek 'm wel goed. We zijn een keer in Zandvoort gaan rijden,  dat ging eigenlijk prima. Hij had er geen moeite mee, is er gewoon ingestapt. Het ging hem makkelijk af".

"Die motor was toen al het modernere type, daar hangt de bakkenist niet meer vóóruit, helemaal in de lengte zeg maar, maar bleef achter het zijspanwiel zitten", vertelt Streuer. "Dan had je wat meer steun en dat scheelt toch wel wat betreft uithouding, en de moeilijkheidsgraad was minder. Van meet af aan ging dat prima."

Wereldkampioen
Na die eerste wereldtitel moet je 'm verdedigen, maar voor echte stress zorgt dat niet bij Streuer: "Echt stress niet. Kijk, het smaakt altijd naar meer. Je doet het niet voor één overwinning. Een wereldkampioenschap is niet één wedstrijd, het zijn een heleboel wedstrijden. Elke wedstrijd staat op zich. Je telt ze bij elkaar op en het beste van al die resultaten - dat is de wereldkampioen".

"Daartussendoor heb je de TT, die natuurlijk heel belangrijk voor ons was, die wou maar iedere keer niet lukken. En toch is dat op een gegeven moment ook gelukt. In het jaar dat we voor het eerst geen wereldkampioen werden, dat was in 1987. Dan heb je dát weer als mijlpaal. Het is het een of het ander bij ons geweest."

Einde van de zijspan 
Egbert Streuer: "De zijspan bestaat natuurlijk nog wel. Maar zoals 'ie vroeger bestond, dat is er niet meer. Op technisch gebied is er het een en ander veranderd. Je mag niet meer alles, maar dat is in alle klasses zo. Vroeger was dat een open verhaal, als je zelf iets bouwde dan mocht dat, er waren veel minder restricties dan tegenwoordig".

"In 1992 ben ik gestopt omdat de tv-rechten belangrijk begonnen te worden, voor '93 hadden we eigenlijk niet de garantie dat er tv uitgezonden werd; dat er beelden gemaakt werden. Het is niet dat de sponsoren afhaakten: ik heb het zelf gedaan. Ik vond dat het niet terecht was om te zeggen: we weten nog niet of we beelden hebben. Ik was het voor. Als ik helemaal terugkijk, de laatste wedstrijd was een Grand Prix, ook nog in Assen en die hebben we gewonnen. De laatste wedstrijd was een overwinning. En dan zeg ik: kan niet beter."


Uitzending Drenthe Toen
Het hele gesprek met Egbert Streuer is te horen in Drenthe Toen, Radio Drenthe, zondag 3 februari 14.00-15.00. Daarna via de podcast of uitzending gemist. 

De tentoonstelling 'Egbert Streuer – Nederlands meest succesvolle wegracecoureur' is te zien van 10 februari tot en met 1 september 2019. En het boek 'Egbert Streuer. Nederlands meest succesvolle wegracecoureur', van Natascha Kayser en Henk Keulemans, is uitgegeven door WBOOKS.
Deel dit artikel: