Jagersvereniging: Geslachte reeën waarschijnlijk door jagers geschoten

De resten van reeën, die de afgelopen week bij onder meer Zuidwolde, Ruinerwold en Dalerpeel zijn gevonden, zijn waarschijnlijk door jagers teruggelegd. Dat zegt Lennart van Rees van de Jagersvereniging. "Ik schat de kans op negentig procent."
Wandelaars troffen hier karkassen, ingewanden en koppen van de dieren aan. "Sinds 1 januari is het jachtseizoen geopend", zegt Van Rees. "De kans is daarom erg groot dat jagers de dieren hebben geschoten. Het zou niet logisch zijn dat dit het werk van stropers is. Zij lopen een risico betrapt te worden als zij de dieren terugleggen, nadat ze de dieren thuis hebben uitgebeend."

Vlakbij de weg
De vondst van de dierresten ging gepaard met de nodige kritiek, omdat ze dichtbij wandelpaden lagen. Ramona Zwaagstra uit Kerkenveld is een van de wandelaars die resten ontdekte. "Ik kom zelf uit een jagersfamilie en kan me niet voorstellen dat een jager zijn prooi zo achterlaat", zegt Zwaagstra. De ingewanden en het hoofd van het dier die ze zag, lagen op nog geen drie meter van de weg. "Je hoort wat je schiet niet zo dicht bij de weg achter te laten. Geen jager uit de buurt zou dat doen."

'Mee aan de haal gegaan'
Daar is Van Rees het mee eens. "Het kadaver leg je niet midden op of bij een weg neer. Dat hoort verder in het bos te liggen. Waarschijnlijk gaan vossen of dassen ermee aan de haal. Het kan goed zijn dat de restanten daardoor honderden meters verderop terecht zijn gekomen", zegt hij.

Duurzame gedachte
Dat de overblijfselen van reeën in de natuur achterblijven, is goed voor andere dieren, zegt Van Rees. "Dat is de meest duurzame gedachte. Andere dieren kunnen hiervan eten. De botten zijn een calciumbron voor muizen. Op deze manier komt het terug in het systeem."