Koloniën van Weldadigheid voorgedragen voor Europees Erfgoedlabel

De Koloniën van Weldadigheid moeten een Europees Erfgoedlabel krijgen. Tenminste, dat vinden Nederland en België. Beide landen dragen daarom de koloniën voor bij de Europese Commissie.
Een Europees Erfgoedlabel is bedoeld voor plekken die belangrijk zijn voor de Europese geschiedenis en cultuur. Er zijn drie plekken in Nederland die al zo'n label hebben: Kamp Westerbork, het Vredespaleis en het Verdrag van Maastricht.

Eind dit jaar duidelijkheid
Het kabinet neemt met deze voordracht het advies over van de Raad voor Cultuur. Omdat de koloniën uit een tijd stammen waarin België nog bij Nederland hoorde, dienen de landen het voorstel gezamenlijk in. Het gaat om de vijf koloniën in Nederland en de twee in België. De Koloniën van Weldadigheid horen eind dit jaar of ze op de lijst komen.

De armenkoloniën in Frederiksoord, Wilhelminaoord, Boschoord en Willemsoord ontstonden in 1818 toen generaal Johannes van de Bosch een plan bedacht om iets te doen aan armoede in Nederland. De Fransen waren net vertrokken en lieten Nederland berooid achter. Vooral in de steden was veel armoede en bedelarij.

Van de Bosch bedacht dat hij in Drenthe deze gezinnen een betere toekomst kon geven. Hij bouwde honderden kleine boerderijtjes met wat land. Allemaal in rechte lijnen in het landschap. Gezinnen moesten op het land werken om de kost te verdienen. Deze 'hoeve's' zijn nog steeds te zien in dorpen als Frederiksoord, Wilhelminaoord,Boschoord en in mindere mate in Willemsoord.

Al snel bleek dat de discipline die van de 'nieuwe' bewoners werd gevraagd, wel heel lastig was. Iemand die zich niet aan de regels hield, werd naar Veenhuizen of Ommerschans gebracht om daar te worden opgesloten. Veenhuizen is uiteindelijk een gevangenisdorp geworden. Van de Bosch kopieerde zijn idee uit Drenthe en bouwde dezelfde koloniën in België.