Hogere blootstelling aan landbouwgif bollenvelden dan gedacht

Het spuiten met landbouwgif op de Nederlandse bollenvelden stelt veel meer omwonenden veel langer bloot aan veel hogere concentraties van die pesticiden, dan tot nu toe bekend.
Dat meldt de NOS op basis van een wetenschappelijk onderzoeksrapport van het Onderzoek Bestrijdingsmiddelen en Omwonenden (OBO). Dat rapport is in handen van televisieprogramma Zembla. 

Uit het onderzoek blijkt niet of er gezondheidsrisico's zijn voor omwonenden van bollenvelden of andere agrarische gronden waar gespoten wordt met pesticiden. Daar moet volgens hoofdonderzoeker Roel Vermeulen van de Universiteit Utrecht meer onderzoek naar worden gedaan. 

Tien keer hoger
Bij woningen van mensen die in de buurt van bollenvelden wonen, werden tien keer hogere concentraties landbouwgif in de lucht gemeten dan bij huizen van leden van de controlegroep. "De belangrijkste conclusie van het onderzoek is dat wij in lucht en in huisstof hoge concentraties aantreffen van bestrijdingsmiddelen bij omwonenden binnen 250 meter, ten opzichte van controles die verderaf wonen", zegt Vermeulen tegen Zembla. 

Het is voor het eerst dat een onderzoek als dit is gedaan. En ook voor het eerst dat onomstotelijk is bewezen dat pesticiden na het spuiten niet op het bollenveld blijven liggen. Het is niet duidelijk of de onderzoekers ook in Drenthe metingen verricht hebben. 

Drents onderzoek
In Drenthe zijn er vooral bollenvelden te vinden in de gemeente Westerveld. Ook in Midden-Drenthe liggen bollenvelden. Omwonenden maken zich daar al lange tijd zorgen over de gezondheidseffecten van de gewasbeschermingsmiddelen die boeren en telers gebruiken. Gisteren presenteerden burgers van Meten = Weten een eigen onderzoek, waarin zij stellen 57 bestrijdingsmiddelen in de bodem te hebben gevonden. 


Bij het Drentse onderzoek zijn wel wat kanttekeningen te plaatsen. Zo wil de groep burgers het onderzoek niet openbaar maken, zijn er stoffen gemeten die niet (meer) gebruikt worden in pesticiden en is het maar zeer de vraag of de concentraties die in de bodem zitten wel schadelijk zijn voor de gezondheid.