Drents Museum haalt roerige periode uit Italiaanse geschiedenis naar Assen

Hoe bewoog de schilderkunst in Italië zich in vijftig jaar naar de moderniteit van de vroege twintigste eeuw? Deze vraag probeert het Drents Museum te beantwoorden met de tentoonstelling Sprezzatura: 50 jaar Italiaanse Schilderkunst (1860-1910).
Een roerige tijd in het nieuwe land waarin de schilderkunst zich volop ontwikkelde en veranderde.
Met de tentoonstelling Sprezzatura wil het Drents Museum de mooiste schilderijen laten zien die in de periode 1860-1910 zijn gemaakt. Volgens conservator Willemijn Lindenhovius is dit een periode die niet erg bekend is in Nederland. “Dat is heel jammer, want het is echt waanzinnig mooi en intrigerend.”
Er komen in totaal meer dan 70 schilderijen van 40 Italiaanse kunstenaars naar Assen toe voor de tentoonstelling.

Historische context

De tentoonstelling laat ook de historische context zien waarbij duidelijk zichtbaar wordt dat de kunst reageerde op de maatschappelijke ontwikkelingen. In de tijd rond de eenwording van Italië was er veel optimisme in het land. “Dat zie je terug doordat er veel met kleur en licht wordt gewerkt”, zegt Lindenhovius. Ook komt het realisme en naturalisme in die periode op, waarin schilders de werkelijkheid lieten zien, in tegenstelling tot de meer overdreven stijl van de romantiek.
Alledaagse gebeurtenissen van de gewone arbeider of op het land worden geschilderd. “We zien op dit schilderij de harmonie tussen natuur en mens. De landwerkers die op het land bezig zijn, rustgevend afgebeeld”, zegt Chiara Stefani, conservator van de Galleria Nazionale d'Arte Moderna in Rome over het schilderij ‘Messidoro’ van Guilielmo Ciardi. “Er wordt geen idylle weergegeven, maar echt de werkelijkheid zoals het was.”

Problemen

Maar al snel na de eenwording van het land ontstonden er problemen. “De verschillende regio’s hadden verschillende behoeftes. Er waren opstanden, mensen begrepen niet dat ze belasting moesten betalen aan een centrale regering waarvan ze nooit wat hoorden. En daarnaast was er een opeenstapeling van problemen met de belasting op graan, met verstedelijking en industrialisatie. Dat zorgde voor een moeilijke situatie aan het eind van de eeuw”, vertelt kunsthistoricus Giovanna Ginex.
Deze maatschappelijk problemen zijn ook terug te zien in de schilderkunst. Bijvoorbeeld in het schilderij ‘I poveri sui gradini del convento dell'Aracoeli a Roma’ van Frederico Zandomeneghi, waarop we mensen in Rome zien bedelen om eten.

Antonio Mancini

In het depot van de Galleria Nazionale d'Arte Moderna in Rome hangen meerdere schilderijen die naar Assen komen. Zo ook een zelfportret van de schilder Antonio Mancini. “Mancini was een hele gevoelige man. Hij was ook heel competitief. Als hij bij kunstwedstrijden niet de eerste prijs haalde, was hij echt van slag. Op een gegeven moment kreeg hij een delirium en is hij in een gekkenhuis in zijn geboortestad Napels terecht gekomen. Hij heeft daar een zelfportret geschilderd met een fruitmand op zijn hoofd”, vertelt Lindenhovius. Dit zelfportret van Mancini, genaamd ‘Autoritratto’, komt ook naar Assen voor de tentoonstelling.

Futurisme

Rond 1910 komt het futurisme op in Italië. Dit is een kunststroming ontstaan uit het kubisme. Kenmerken van het futurisme zijn snelheid, energie, krachtige lijnen en vooruitgang. Dit is duidelijk een breuk met het realisme en naturalisme van 40 jaar eerder. Samen met het opkomende nationalisme in Europa paste het futurisme in het enthousiasme dat kenmerkend was aan de vooravond van de Eerste Wereldoorlog.
De tentoonstelling Sprezzatura: 50 jaar Italiaanse Schilderkunst (1860-1910) is van 2 juni tot en met 3 november te zien in het Drents Museum in Assen.