Landschapsonderzoekers adviseren: plant nu alvast de groene omheining voor de toekomst

220525_landschappen
Henk van Blerck geeft een rondleiding door het landschap © Josien Feitsma/RTV Drenthe
Hoe oud is het Drentse landschap? En wat kunnen we met onze landschappelijke geschiedenis? Twee onderzoekers zijn ruim een jaar bezig geweest met het vinden van een antwoord op die vragen. Dat deden ze in opdracht van tien gemeenten en de provincie Drenthe. De resultaten zijn vandaag gepresenteerd in Westerbork en hebben invloed op ons uitzicht in de komende jaren.
De belangrijkste conclusies: willen we in de toekomst in het groen wonen, dan moeten we dat snel gaan aanleggen. En Drenthe is bovendien helemaal niet zo oud.

150 jaar vol veranderingen

Vooral de jonge heideontginningen en de ruilverkaveling zijn heel belangrijk geweest voor het ontstaan van wat wij nu kennen als ons landschap. "Het verhaal van Drenthe is voor een groot deel veranderd in de afgelopen 150 jaar", vertelt onderzoeker Luuk Keunen. "De jonge heideontginningen vertellen het klassieke verhaal van hoe het beeld van de Drentse boeren met grote schaapskuddes veranderde in een groot agrarisch productielandschap met grote staatsbossen. Dat leverde een heel ander landschap op dan in de periode daarvoor."
In de honderd jaar dat er aan heideontginning is gewerkt, zie je volgens Keunen een duidelijke ontwikkeling. "Wat heel kleinschalig en particulier begon, ging naar particulier met wat hulp en is uiteindelijk heel grootschalig geworden. Dat heeft heel veel verschillende soorten landschap opgeleverd: het palet dat je nu nog steeds ziet." Met het onderzoek is dat hele palet nu in kaart gebracht.
Luuk Keunen bij natuurgebied het Mantingerveld
Luuk Keunen bij natuurgebied het Mantingerveld © Josien Feitsma / RTV Drenthe

Ruilverkaveling drukte stempel op landschap

Na de heideontginning was het in de periode na de oorlog de ruilverkaveling die een stempel op het landschap drukte. Van 1945 tot 1980 werden van de kleinschalige, strokenachtige landbouw grotere lappen grond gemaakt, vaak afgebakend met een rij bomen. Henk van Blerck promoveerde vorige week met zijn onderzoek erover.
"Halverwege de vorige eeuw bestond vijftig procent van de grond hier nog uit woeste grond en heidevelden die heel extensief gebruikt werden", legt hij uit. "In de tijd van de ruilverkaveling heeft Drenthe een hele nieuwe enscenering gekregen van beplantingen. Dat waren toen dunne boompjes, maar dat zijn nu dikke bomen die we overal in Drenthe zien staan. Ook de bomen op de brinken en langs de essen."
In de provincie Drenthe liggen meer dan vijftig ruilverkavelingen. Het overgrote deel van dat landschap is aangekleed door landschapsarchitect Harry de Vroome. "Het mooie van de ruilverkavelingstijd is dat er rekening werd gehouden met groei", legt Van Blerck uit. "Dus er zijn kavels met beplantingen om de dorpen aangelegd waarin de dorpen hebben kunnen groeien. Daardoor liggen ze gelijk allemaal mooi landschappelijk ingepast. In de toekomst gaan we misschien weer of nog verder uitbreiden. Dus we moeten er nu voor zorgen dat we voor de toekomstige uitbreidingen alvast de groene omkadering gaan aanleggen."
'Plant nu alvast de groene omheining voor de toekomst'

'Ons groene maatpak moet niet slijten'

Die groene omkadering noemt Van Blerck het 'groene maatpak'. "Nu moeten we kijken hoe we daar mee om moeten gaan. Soms slijt het pak en dat moet je niet hebben." Keunen vult aan: "Het is een stukje van ons erfgoed, onze identiteit. Dat is uiteindelijk nuttig als je een nieuwe ontwikkeling krijgt. Dan kun je voortbouwen op wat er is. Niet alleen omdat het prettig wonen is in zo'n gebied, maar ook omdat het economisch interessant is. Drenthe heeft een hele belangrijke toeristische sector. Die mensen komen voor dat landschap."
De deelnemende gemeenten en de provincie financierden het onderzoek. Daarbij kregen ze advies voor de toekomst. "We hebben met gemeenten gekeken hoe we nieuwe bedrijventerreinen en woonwijken, gebruikmakend van het groene maatpak, een plek kunnen geven." Maar Van Blerck wijst ook naar zonneparken. "Hoe gaan we die inpassen? Leg je die kaal in een zonneveldakker neer of ga je die in een soort kamer leggen? Het idee van vroeger is bruikbaar."

'Nergens in de wereld is op zo'n schaal vanuit schoonheid vormgegeven'

Want dat we iets unieks in handen hebben is volgens Van Blerck duidelijk. "Nergens in de wereld is op zo'n schaal in het cultuurlandschap zo vanuit schoonheid vormgegeven. Ook al is het veranderd, de basis van het verhaal van de esdorpen is er nog steeds. Dat is uniek en dat kun je als gemeente ook maar een keer verspelen. Aan de andere kant kun je dat mooie wat er al is nóg mooier maken."
Binnenkort verschijnt er een website met alle kaarten en bevindingen uit het onderzoek. De informatie is dan beschikbaar voor gemeenten die plannen maken met hun landschappen. Keunen: "Maar we hopen natuurlijk ook dat het verhaal dat we op de website vertellen via geïnteresseerde aardrijkskundeleraren belandt bij alle jongeren die in dit landschap wonen. Dat ze zo een stukje van hun hardwerkende voorouders verteld krijgen."