Jarenlange kunstaffaire ten einde

De langstlopende kunstaffaire van ons land lijkt ten einde. Het Gerechtshof in Leeuwarden heeft uitspraak gedaan in de kunstvervalsingszaak tussen Meijering en Van Loenen die al twintig jaar speelt.
Het Gerechtshof oordeelt dat kunstverzamelaar Johan Meijering geen 300.000 euro reputatieschade vergoed krijgt omdat zijn naam was besmeurd. De eerder toegewezen schadevergoeding van bijna 90.000 euro blijft wel staan.

De Ploeg
De Groninger Meijering eiste geld omdat hij te goeder trouw valse kunst zou hebben gekocht. Van Loenen is het daar niet mee eens en eiste alle door hem uitbetaalde schadevergoeding weer terug, daar ging het Gerechtshof niet in mee.

Meijering kocht vijf De Ploeg-schilderijen van Van Loenen, ooit gemaakt door de bekende schilders Jan Altink en Johan Dijkstra. Toen hij ze later wilde verkopen, ontdekte hij dat de werken niet deugden. Ze doken eerder op in een vervalsingsaffaire in 1993, waarbij Van Loenen verdachte was. 

Volgens Meijering is hij door de affaire besmet geraakt en lukt het hem door alle publiciteit niet andere schilderijen uit zijn collectie te verkopen. Zijn collectie zou daardoor geen waarde meer hebben en een schadevergoeding die de rechtbank in Assen afwees leek hem alsnog op zijn plaats.

Kosten
In plaats van een extra schadevergoeding krijgen, maakt Meijering nu juist kosten. De proceskosten betalen, evenals de advocaatkosten van Van Loenen. Meijering zegt in een eerste reactie teleurgesteld te zijn. "Gelijk hebben en gelijk krijgen blijken nog steeds twee verschillende begrippen."

Meijering wil de zaak nu definitief laten voor wat die is. Maar in een vlammend betoog aan de pers laat hij nogmaals zijn ongenoegen weten. Meijering: “Deze zaak beheerst mijn leven en dat van mijn partner al meer dan 16 jaar! Ik was met een verre boog om het echtpaar Van Loenen heen gelopen als ik maar iets had geweten over de wereld waarin zij leven, een leven van schijn en bedrog!”