'Niet alleen nabestaanden Holocaust, ook verzetsstrijders moeten schadevergoeding NS krijgen'

De regeling die de Nederlandse Spoorwegen (NS) heeft getroffen voor slachtoffers en nabestaanden van de Holocaust, zou ook moeten gelden voor verzetsstrijders. Daarvoor pleiten verenigingen die zijn aangesloten bij het Centraal Orgaan Voormalig Verzet en Slachtoffers 1940-45 (COVVS).
In juni maakte de NS bekend dat ze aan 5.000 à 6.000 overlevenden van de Holocaust, hun weduwen en weduwnaars en hun kinderen een tegemoetkoming gaan betalen. De ongeveer 500 nog levende Joden, Roma en Sinti die door de NS naar doorgangskamp Westerbork zijn vervoerd, krijgen ieder 15.000 euro. Weduwen en weduwnaars krijgen 7500 euro. Kinderen krijgen 5.000 of 7.500 euro.

Het COVVS heeft bezwaar gemaakt bij de NS en de commissie-Cohen, die het advies gaf om met een regeling te komen. Er zou daarop nog geen antwoord zijn gekomen.

Reactie
De NS zegt in een reactie tegen de NOS dat het advies van de commissie-Cohen "zorgvuldig en weloverwogen is". De spoorwegen kijken wel naar de mogelijkheden om groepen die buiten de regeling vallen collectief te erkennen.

Een woordvoerder van Job Cohen zegt dat zijn commissie zich heeft gehouden aan de kaders die de NS heeft meegegeven.

110.000
In totaal vervoerde de NS vanaf tientallen stations 110.000 Joden, Roma en Sinti naar Westerbork. Vandaar werden ze naar de vernietigingskampen Auschwitz en Sobibor gedeporteerd. Slechts 5.000 mensen keerden levend terug. Ook bouwde de NS in opdracht van de bezetter een aftakking naar Westerbork van de spoorlijn Meppel-Groningen.

De NS handelde in opdracht van de Duitsers, maar protesteerde nooit tegen de opgelegde maatregelen en liet zich voor de uitvoering daarvan betalen. Aan het transport van Holocaustslachtoffers zou 2,5 miljoen gulden verdiend zijn.