Oud-lijfwacht ontkent ‘ongepast’ geweld binnen motorclub No Surrender

Voormalig No Surrender-lid Ayhan B. (51) uit Zwolle ontkent tegenover de rechtbank in Assen dat hij als beveiliger en incassoman binnen de motorclub vier mensen heeft afgeperst. De man staat terecht voor afpersing en diefstal met geweld. Dit zou in de periode van 2014 en 2016 zijn gebeurd. B. was tijdens zijn carrière binnen No Surrender lijfwacht van oud-captain Henk Kuipers in Emmen.
De motorclub is inmiddels verboden. Tegen het verbod loopt een hoger beroep. Volgens het Openbaar Ministerie (OM) werd binnen No Surrender met name geweld gebruikt in kader van ‘bad standing’. Dit houdt in dat leden met geweld uit de club worden gezet, omdat zij de regels niet hebben nageleefd.

'Allemaal fouten'
B. zit momenteel weer vast, omdat hij een eerder opgelegde werkstraf niet heeft uitgevoerd. B. vindt de beschuldigingen waarvoor hij vandaag terecht staat onzin. "De officier van justitie heeft haar huiswerk niet goed gedaan. Klopt helemaal niet. Allemaal fouten", zei B. tegen de rechters. Volgens hem bestond binnen de motorclub twee belangrijke regels: "Je blijft van andermans vrouwen af en je steelt niet van een medelid, een broeder", zei B. 

Eelde
Bij het overtreden van die regels kon je volgens B. ‘een klap tegen de kop’ verwachten. Een van de slachtoffers van B., die aangifte deed van afpersing, was ook slachtoffer van een afpersing in een woning in Eelde. Dat slachtoffer werd zwaar mishandeld en moest 5000 euro afstaan. Hij werd daarna grotendeels ontkleed in de bossen bij Glimmen uit de auto gezet.

Cocaïne
Bij de zaak in Eelde was B. niet betrokken. De vier mannen en een vrouw (28 tot 38 jaar) in die zaak kregen in april door de rechtbank in Groningen celstraffen tot 68 maanden opgelegd. B. stond in november nog in Assen voor de rechtbank voor het dealen van cocaïne binnen No Surrender. In die zaak werd B. vrijgesproken, een medeverdachte uit Nieuw-Amsterdam kreeg vier jaar opgelegd.

De rechtbank trekt vandaag de hele dag uit om de geweldszaak tegen B. te behandelen. De officier van justitie stelt eind van de middag de rechtbank voor welke straf B. volgens het OM opgelegd moet krijgen.
Deel dit artikel: