'Als die veerboot er komt, overwegen wij een vestiging in de Eemshaven'

Minder reistijd, meer zekerheid voor het personeel en mogelijk zelfs nieuwe vestigingen in de Eemshaven en Edinburgh. Voor het internationale transportbedrijf Lubbers Logistics uit Schoonebeek kan de beoogde veerdienst naar Schotland gunstig uitpakken.
Afgelopen woensdag werd bekend dat het Schotse bedrijf TEC-Farragon vergevorderde plannen heeft voor zo'n veerdienst tussen de Eemshaven en het Schotse Rosyth, bij Edinburgh. 

Lubbers Logistics geldt als een grote speler bij het transport van onderdelen voor de olie-, gas- en windindustrie. Het hoofdkantoor in Schoonebeek, waar inclusief chauffeurs 120 mensen werken, omvat ook een verzamelcentrum. Daar wordt dagelijks boormateriaal uit andere Europese vestigingen op vrachtwagens geladen.

Materiaal naar boorplatformen
Die vrachtwagens gaan voornamelijk vanuit IJmuiden met de boot naar Newcastle. Vervolgens rijden ze door naar een van Lubbers' vestigingen in het Verenigd Koninkrijk, vertelt commercieel directeur André Mulder tegen RTV Noord.

"Newcastle is voor ons strategisch interessant omdat een deel van de goederen naar het noorden gaat, richting onze vestiging in Aberdeen. Een ander deel naar de zuidelijke vestiging in Great Yarmouth."

"We zitten in Aberdeen omdat die plaats, samen met Stavanger, bovenaan staat als het gaat om plekken waar naar olie, gas of schaliegas geboord wordt. Vanaf beide plaatsen vinden dan ook leveringen plaats aan boorplatformen in de Noordzee. Wij zorgen ervoor dat het benodigde materiaal er komt."

Nieuwe vestigingen
Lubbers heeft momenteel al 'steunpunten' in IJmuiden, Den Helder, Rotterdam en Amsterdam. Als de beoogde veerdienst het levenslicht ziet, komen daar mogelijk vestigingen in de Eemshaven en Edinburgh bij.

Mulder: "Dat gaan we zeer serieus overwegen, absoluut. Dan moeten we namelijk onze hele infrastructuur rond de Noordzee gaan evalueren. Vanuit IJmuiden komen we nu in noordelijk Engeland aan. Een deel van die route wordt overbodig als we vanuit de Eemshaven kunnen varen."

Uit respect voor bestaande contracten met veerbootdiensten, kan Mulder nog geen concrete toezeggingen doen. De mogelijke besparing op reistijd heeft hij uiteraard al wel berekend. Voor de vracht die naar Aberdeen moet, scheelt dat al gauw drie uur rijden binnen het Verenigd Koninkrijk. Maar of de dienst echt zo lucratief is, hangt af van meer factoren.

"Vooral de vaartijden zijn belangrijk. Ook zijn we benieuwd naar het aantal afvaarten en hoeveel vrachtwagens we op de schepen kwijt kunnen. En dan heb je natuurlijk nog de kosten van de overtocht. Ik neem aan dat ze concurrerend willen zijn. Als alles er gunstig uitziet, kunnen we onze klanten deze route niet ontnemen. Dan bieden we hem aan."

Behoud van hoofdkantoor
Hoe pril de plannen ook zijn, de afvaarten vanaf de Eemshaven zouden ook de toekomst van het hoofdkantoor in Schoonebeek kunnen waarborgen.

"We zitten van oudsher in Schoonebeek vanwege het grote olieveld, maar de NAM is drastisch minder gaan boren. En ook het verhaal rond de gaswinning is bekend. Daardoor zitten we hier met een dunner jasje dan twee, drie jaar geleden. Dat doet wel wat met het vertrouwen van onze werknemers. Dan zijn dit goede ontwikkelingen. Het geeft ons meer reden om hier gevestigd te blijven."

Concurrentie aftroeven
Door al die positieve spin-off van de veerdienstplannen blijft Mulder de ontwikkelingen op de voet volgen. Definitief aan boord stappen is voor zijn bedrijf niet noodzakelijk, maar kan wel een strategisch voordeel opleveren.

'Ons werk loopt wel door, dus we zijn er niet van afhankelijk. Maar ook onze collega-vervoerders hebben hier al steunpunten. Die kunnen ook gemakkelijk een vestiging in de Eemshaven openen. We hebben geen exclusiviteit, en dat moet de Eemshaven ook niet willen. We komen door onze contacten hooguit wat eerder aan tafel.'
Deel dit artikel: