Droomtentoonstelling Drents Museum: Barbizon van het Noorden

Het is een langgekoesterde wens, laat het Drents Museum weten, maar ook voor hoofdconservator Annemiek Rens is het een 'droom die uitkomt'.
Rens is bekend met het genre, maar ontdekte ook nieuw werk. "Ik ben in de collectie gedoken en heb zóveel mooie Drentse landschappen gezien die ik nog niet kende... Je ziet de kwaliteit, de diversiteit en je hebt dan sterk het gevoel: hier moeten we wat mee. Deze schilderijen verdienen het om groots gepresenteerd te worden. En dat gaan we nu eindelijk doen."

Zo'n beetje alles
Het Drents Museum wijdde al eerder tentoonstellingen aan schilders over Drenthe ('De Haagse School in Drenthe' in 1997 en 'Schildersparadijs Drenthe' in 2015), maar nog niet eerder in de grote de tentoonstellingszaal. "Nu is dan ook de unieke kans om groots uit te pakken", aldus Rens.

"De focus ligt op de periode 1850-1950, maar we laten ook zien wat kunstenaars die als eersten in Drenthe kwamen, zoals Egbert van Drielst, geschilderd hebben. En we gaan door tot op de dag van vandaag: we hebben een soort epiloog met kunstenaars die nu aan het werk zijn en ons laten zien hoe Drenthe nog altijd inspireert."

Drenthe binnen handbereik
Drenthe was niet zomaar een plek op de kaart. Schilders kwamen met een doel naar het noorden. Annemiek Rens: "Het is allemaal onderdeel van de tijd. Nederland verstedelijkt. Er komt steeds meer industrie en kunstenaars gaan op zoek naar plekken die nog ongerept zijn. In navolging van de School van Barbizon in Frankrijk, gaan kunstenaars op zoek naar het landschap en de eenvoud. Het draait ook om schilderen in de natuur zelf."

De tube verf is nog niet zo lang geleden op de markt gekomen dus schilderen is ook veel makkelijker geworden. "En het is dichtbij, dat maakt ook veel uit. Veel kunstenaars maken een reis naar Italië, maar dat was niet voor iedereen weggelegd. In Drenthe kon je prachtige landschappen vinden, dus je hoefde niet ver weg."

Marketing voor Drenthe
"De schilders wilden ook echt terug naar de natuur. En de schilderijen met landschappen waren heel populair op de markt. Dus ze konden er ook goed geld mee verdienen. Met name het platteland was in, en waar heb je meer platteland dan in Drenthe? Het laatste plekje dat zo ongerept overkwam was dus ontzettend populair. Iedere grote kunstenaar uit die tijd is in Drenthe geweest", vertelt Rens. 

Een soort marketing van Drenthe voordat dat fenomeen bestond? Rens: "Eigenlijk wel. De kunstenaars zijn de eersten die een visueel beeld van Drenthe neerzetten en verspreiden. Een beeld zoals dat graag gezien werd. In Nederland, maar ook daarbuiten. De werken werden gekocht tot in Amerika."

Meneer Stengel
"Zweeloo is denk ik de bekendste plek, maar ze zaten ook in Rolde. In Hooghalen, in Exloo, en je kon natuurlijk vanuit daar ook heel Drenthe gaan verkennen." We hebben het niet alleen over Van Gogh, Mesdag, Van de Sande Bakhuyzen en andere grote namen, legt Rens uit.

"Er zijn ook een paar buitenlanders in Drenthe geweest, waaronder de Fransman Alphonse Stengelin die zo dol was op Drenthe dat hij zomer na zomer terugkwam. Hij werd ook echt in het dorp, Hooghalen, opgenomen. Ze noemden hem liefkozend meneer Stengel, want ze konden Stengelin niet uitspreken. Maar ook de Duitse kunstenaar Max Liebermann, een hele bekende kunstenaar in die tijd, vond zijn inspiratie in Zweeloo."

Vreemd volk
Hoe was de ontvangst door de Drenten over het algemeen? Rens: "Ik kan me voorstellen dat de mensen raar opkeken, het was toch vreemd kunstenaarsvolk. We weten dat dat voor Van Gogh lastig was, hij kon ook geen modellen vinden. Mensen moesten niet zoveel van hem hebben. Aan de andere kant weten we dat Stengelin en Van de Sande Bakhuyzen erg geliefd waren, en ook echt werden opgenomen in de gemeenschap."

Van Gogh als uitzondering
Wat er werd geschilderd ontloopt elkaar niet veel: landschappen, hunebedden, heide, schapen... kortom: de schilderachtige objecten en plekjes. Niet voor iedereen overigens. Rens: "Misschien is Van Gogh de grote uitzondering, want hij ging naar Zuidoost-Drenthe en schilderde daar de veenarbeiders en het donkere veenlandschap, wat voor de meeste kunstenaars niet zo aantrekkelijk was."

Modern: Drentse boerderij
Rens bladert door het door haar geschreven boek, dat tegelijkertijd uitkomt met de tentoonstelling. "Kijk, hier een werk van Simon Moulijn uit 1894. Het valt meteen op hoe ongelooflijk modern dit werk is! Hoe anders dan wat de meeste kunstenaars doen op dat moment. Moulijn had vlak daarvoor een tentoonstelling van Van Gogh gezien, de allereerste tentoonstelling in Nederland, en was daar zo door beïnvloed dat zijn schildersstijl meer kleur kreeg en daardoor moderner werd", aldus een meer dan enthousiaste Annemiek Rens. 

Inmiddels is bekend geworden dat de tentoongestelde collectie binnenkort zal worden uitgebreid met een zeer recent aangeschaft werk van Van Gogh: Onkruid verbrandende boer, uit 1883. De aankoop is een samenwerking tussen het Drents Museum en het Van Gogh Museum. 

De tentoonstelling Barbizon van het Noorden - De ontdekking van het Drentse landschap 1850-1950, is vanaf 24 november te zien in het Drents Museum in Assen.
Het gelijknamige boek is uitgegeven door WBooks en wij mogen een exemplaar verloten. Kans maken? Stuur dan een mailtje naar drenthetoen@rtvdrenthe.nl
Deel dit artikel: