Bijna dubbel zoveel ooievaars geteld in Drenthe als vorig jaar

In Drenthe zijn tijdens de jaarlijkse ooievaarstelling bijna dubbel zoveel ooievaars als vorig jaar geteld. Het aantal getelde ooievaars in onze provincie stond vanavond op 230. Dat meldt de Stichting Ooievaars Research & Knowhow (STORK). Vorig jaar werden er 135 ooievaars gezien.

Tot grote vreugde van woordvoerder Annemieke Enters van STORK zijn er dit jaar een stuk meer mensen op pad geweest om ooievaars te tellen dan in 2019. Er werden vanuit 31 plekken in Drenthe ooievaars doorgegeven, tegenover slechts 8 plekken vorig jaar. Mogelijk speelde het zachte weer van dit weekend mee. "Vorig jaar was het heel erg bar op de zaterdag van de telling. Nu was het een uitgelezen weertje om naar buiten te gaan", zegt Enters.

Reestdal populair

De meeste ooievaars van onze provincie verzamelen zich traditiegetrouw in het Reestdal, op de grens met Overijssel. Daar, in De Schiphorst, ligt ook Ooievaars Buitenstation De Lokkerij. Dit jaar was dat niet anders. Samen met Oss en Tilburg werden daar de meeste vogels van ons land gezien. In totaal telden 550 mensen 921 ooievaars in Nederland.

Enters vindt het lastig om harde uitspraken te doen over hoe het kan dat er nu zoveel ooievaars geteld zijn. Het gestegen aantal tellers zou mee kunnen helpen, maar ook de zachtere winters spelen ooievaars geen parten. Enters: "Dat laatste verklaart in ieder geval de grote spreiding van de ooievaars. Vanuit iedere provincie hebben we meldingen gehad. Bij een strenge winter met veel ijs en een bevroren bodem zie je dat ooievaars veel meer samenklonteren bij bijvoorbeeld ooievaarsstations."

De ooievaar trekt normaal gesproken naar warmere oorden tijdens de wintermaanden, maar steeds meer vooral volwassen vogels kiezen er de laatste jaren voor om in Nederland te blijven. Enters: "Ik denk dat het een voedselkwestie is. Als je hier genoeg eten kunt krijgen, waarom zou je dan op trek gaan?"

Meer over dit onderwerp:
natuurnieuws ROEG ooievaar ooievaarstelling
Deel dit artikel: