Noblesse in Wijster kan jaar na brand bijna weer open

Het is bijna een jaar geleden dat slachtafvalverwerker Noblesse Proteins in Wijster tot op de grond toe afbrandde. Bijna tachtig procent van de nieuwbouw is volgens de technisch directeur inmiddels gerealiseerd. Dat betekent dat de fabriek snel weer gebruikt kan worden. In maart wordt voor het eerst proefgedraaid.

Noblesse verwerkt slachtafval van kippen tot grondstoffen voor onder meer de diervoeding van katten en honden. In samenwerking met buurbedrijf Attero wordt energie in de vorm van stoom duurzaam hergebruikt. Het nieuwe bedrijfspand lijkt sprekend op de oude fabriek. Op een paar technische aanpassingen na is het pand een kopie van het bedrijf vlak voor de brand op 10 februari.

'Het loopt in de papieren'

Eerder was er nog sprake van dat de fabriek mogelijk zou uitbreiden. Die plannen kostte het bedrijf nu eerst te veel tijd. Noblesse is blij als het al het slachtafval in zijn eigen fabriek weer kan verwerken. "Het loopt aardig in de papieren. Nu wordt het slachtafval tijdelijk ergens anders heengebracht. In het begin zelfs naar Polen. Inmiddels kan dat dichterbij, maar er zijn onvoldoende bedrijven die de productie kunnen uitvoeren", vertelt Gradus Meijering van Noblesse.

De schrik van de brand zit er nog goed in. Meijering heeft daarom wel dingen aan de brandveiligheid laten aanpassen. "De oorzaak is nooit 100 procent te achterhalen. Wat wel duidelijk is, is dat de brand door een technische storing is ontstaan", vertelt hij. "We verwachten nu genoeg maatregelen te hebben genomen. Zo hebben we ons bouwmateriaal aangepast. Het was destijds het gebouw dat de brand in stand heeft gehouden, niet het afvalproduct zelf."

Geuruitstoot niet veranderd

Hoewel voor de komst van een nieuwe mestvergister op het terrein in Wijster verschillende rechtszaken lopen over mogelijke stankoverlast, ontspringt Noblesse deze keer de dans. Het bedrijf past, ondanks commentaar van inwoners uit de buurt, de geuruitstoot niet aan in de nieuwe fabriek. "Voor de brand hadden we een stabiele situatie. In 2016 is de geur geoptimaliseerd. Het was op een acceptabel niveau. Sindsdien is er geen betere techniek van toepassing. Wat we nu gebruiken is het meest haalbare", licht Meijering toe.

Helemaal vervelend waren de afgelopen maanden volgens Meijering niet. "De eerste maanden was iedereen erg onwennig en ontdaan van de brand. Dan zet je als bedrijf op een gegeven moment de knop om en ga je door. En zo'n nieuwe fabriek bouwen vind ik zelf wel erg leuk om te doen." Na de herbouw zal Meijering met pensioen gaan. Hij zegt blij te zijn dat hij door de herbouw een goede reden had nog even langer te blijven plakken.

Lees ook: