Steenmeel als mogelijk antwoord op bodemverzuring

Door de jaren heen zag Hans Dekker, beleidsmedewerker Natuur van de provincie Drenthe, in een 'mooi bos' het aantal plantensoorten afnemen. "Eerst waren er twintig plantensoorten, toen vijftien en daarna tien. Wij hadden de vraag: waarom?" Een onderzoek naar hoe sommige bossen in Drenthe ervoor staan, gaf het antwoord: bodemverzuring.

De nadruk ligt op 'oude eikenbossen' en 'beuken-eikenbossen met hulst'. De samenstelling van eikenbladeren, die op de grond vallen, is één verklaring voor enige bodemverzuring. Erger is de stikstof, die uit onder meer de landbouw, verkeer en industrie voortkomt. "Een probleem is dat de Drentse zandgronden van nature al een beetje zuur zijn", zegt Dekker. "Op een gegeven moment zijn ze té zuur."

Niet alleen de oorzaken worden volgens Dekker genoemd in het rapport over het onderzoek, waar het concept van klaar is. Er zouden ook voorstellen in staan van hoe je de verzuring moet bestrijden. Op de eerste plaats zal op de oude voet verder worden gegaan met bosbeheer. De door mensen gemaakte greppels in en langs de bossen worden bijvoorbeeld gedicht. "Op die manier maak je de grond natter en is die beter bestand tegen verzuring." De provincie wordt ook aangeraden om voorzichtig te experimenteren. Zou steenmeel helpen?

Steenmeel

Steenmeel is fijngemalen rots die mineralen die door verzuring verloren zijn gegaan, terug in de grond brengt. Dat is in de provincie al eerder gedaan. Fijngemalen vulkanisch gesteente heeft bijvoorbeeld in de Veenkoloniën voor een verbetering in de opbrengst in de akkerbouw gezorgd. In natuurgebieden is steenmeel nog niet gebruikt, maar is al wel geëxperimenteerd met bekalking van de heide- en bosbodem, soms met goed resultaat. In opdracht van de provincie Gelderland wordt momenteel getest welke samenstelling van steenmeel het beste is om het probleem aan te pakken. Ook op de Veluwe lijden eikenbossen namelijk onder bodemverzuring.

Niet overal in Drenthe

Het rapport stelt voor om op een beperkt aantal plekken zoals op het Holtingerveld en het Dwingelderveld te experimenteren met steenmeel. Waarom? "Het onderzoek richtte zich op Natura 2000-gebieden met waardevolle bossen. Over deze gebieden bestonden vragen over de manier waarop de bossen het beste konden worden beheerd." Dekker haalt het Holtingerveld erbij. "In het geselecteerde gebied in het Holtingerveld groeien vrijwel geen bijzondere planten meer, dat komt deels door de verzuring. Dekker noemt als voorbeeld de Knollathyrus, die op de Nederlandse rode lijst van plantensoorten bestaan. "Vroeger kwam die veel voor in het Holtingerveld, maar nu een stuk minder, Als je de bodem er weer geschikt voor maakt, komen ze misschien weer terug op plaatsen waar ze zijn verdwenen."

Welke samenstelling het steenmeel zal hebben, verschilt per locatie. "We zullen specialisten eerst de boden moeten laten analyseren. Daar komt dan een recept met de beste samenstelling uit."

'We zijn niet de baas'

"Het laatste woord is er ook nog niet over gezegd", benadrukt Dekker. "We moeten eerst nog met de eigenaars van de gronden overleggen voordat we maatregelen voorstellen. We zijn natuurlijk niet de baas, maar werken bij herstel van natuur volop samen met beheerders en particulieren."

Meer over dit onderwerp:
stikstof Steenmeel bodemverzuring
Deel dit artikel: