Eelde hoeft niet te rekenen op vluchten van Schiphol

De regionale luchthavens in Nederland moeten niet rekenen op vluchten die worden verplaatst van Schiphol naar de regio. Dat is ingewikkeld en volgens minister Cora van Nieuwenhuizen ook niet aan de orde.

Van Nieuwenhuizen zei dat tijdens een debat in de Tweede Kamer over luchtvaart. Eén van de onderdelen van het debat was de ontwerp-luchtvaartnota. Daarin staat de toekomstvisie van het kabinet op de luchtvaart. Voor regionale luchthavens als Groningen Airport Eelde is die rol marginaal. Bovendien moet de regio zelf maar kijken wat ze willen met een luchthaven.

Schiphol belangrijk

De aandacht in de nota gaat uit naar Schiphol en de andere luchthavens binnen de Schiphol Groep. Dit tot grote ergernis van regionale luchthavens als Groningen Airport Eelde en Maastricht Aachen Airport. Interim-directeur Bart Schmeink van Groningen Airport Eelde stuurde de minister een brief waarin hij vraagt om een andere kijk op de kleine regionale velden.

Volgens Schmeink is er sprake van bevoordeling van luchthavens binnen de Schiphol Groep. Dat zijn Schiphol, Eindhoven Airport en Rotterdam The Hague Airport. Defensie en het Rijk betalen mee in de kosten van deze luchthavens. Dat doen ze niet in het geval van Maastricht en Eelde. Daar draaien provincies en gemeenten op voor de kosten.

Een systeem van luchthavens

Schmeink pleit in zijn brief ook voor samenwerking tussen luchthavens. Alle luchthavens zouden onder één paraplu moeten vallen. Het liefst onder de Schiphol Groep. Op dit punt heeft minister Cora van Nieuwenhuizen geen duidelijk antwoord. Daarover wil ze eerst in gesprek met de luchthavens.

"We ondersteunen hun wens om meer samen te werken", zo zegt ze in het debat. "Maar die wens moeten ze zelf invullen. Wij willen wel faciliteren en stimuleren. De komende periode zal het Rijk ook samen met de luchthavens kijken welke functies nou door de samenwerkende luchthavens vervuld worden."

Vooral op Groningen Airport Eelde is lang gehoopt op een betere verdeling van vluchten over Nederland. Schiphol zit vol, net als Eindhoven en Rotterdam. En dus zouden Eelde en Maastricht vluchten over kunnen nemen. Daar is ruimte. Eelde heeft bovendien geen problemen met een geldige natuurvergunning.

Je kan niet zomaar vluchten over het hele land verdelen"
minister Cora van Nieuwenhuizen

Van Nieuwenhuizen: "We hebben heel veel moeite gehad om vluchten te mogen verdelen over Schiphol en Lelystad Airport. Je kan niet zomaar vluchten over het hele land verdelen. Dat kan ook alleen maar bij Lelystad omdat die zo dicht bij Schiphol ligt. Dat kunnen we niet hetzelfde doen met Eelde en Maastricht."

Voor VVD-Kamerlid Remco Dijkstra, Mustafa Armaouch van het CDA en PVV-Kamerlid Dion Graus mag het belang van regionale luchthavens wel wat meer benadrukt worden. Dijkstra wil dat ook duidelijk terug zien in de definitieve versie van de Luchtvaartnota. "Op pagina 74 is het heel summier hoe het er staat. Als we ze zien als een strategisch belang voor Nederland, dan is het wel van belang om ze er bij te houden en hun kracht te benutten."

'Kijk eens naar Eindhoven Airport'

Minister Van Nieuwenhuizen schreef al in de ontwerp-luchtvaartnota dat de regio zelf moet kijken wat ze met de luchthaven wil. Zo wijst ze op de ontwikkeling van Eindhoven Airport. Deze luchthaven wordt vooral gebruikt door lowcostmaatschappijen, maar heeft rondom de luchthaven op economisch gebied een grote ontwikkeling doorgemaakt.

"In Eindhoven wordt juist gekeken naar wat de luchthaven bijdraagt aan wat er economisch aan behoefte is in de regio. Ik denk dat dit een goed voorbeeld is voor de andere regionale luchthavens. Hoe kun je nou goed regionaal ingebed zijn in de specifieke behoefte in die omgeving."

Eerste gesprek geweest

Deze week heeft de minister een gesprek gehad met de provincies over de regionale luchthavens. Ze heeft inmiddels van Groningen Airport Eelde een zienswijze gekregen op de ontwerp-luchtvaartnota. Ook de aandeelhouders van Groningen Airport Eelde sturen binnenkort een brief naar Den Haag. De verwachting is dat de definitieve versie van de nota in de herfst in de Tweede Kamer wordt besproken.