Regeling voor schadevergoeding slachtoffers Srebrenica wordt voorbereid

De onafhankelijke commissie van experts is gestart met het voorbereiden van de schadevergoedingsregeling voor de nabestaanden van 350 vluchtelingen die na de val van de enclave Srebrenica zijn vermoord door Bosnisch-Servische strijdkrachten.

In 2019 heeft de Hoge Raad geoordeeld dat de Staat onrechtmatig heeft gehandeld ten aanzien van een groep van ongeveer 350 mannelijke vluchtelingen die zich op 13 juli 1995 op de compound in Potocari bevonden.

De enclave werd zwaar bedreigd door de Bosnische Serviërs, waarna Dutchbat genoodzaakt was zich over te geven en te vertrekken. De vluchtelingen zijn vervolgens, buiten het zicht van Dutchbat, vermoord door de Bosnisch-Servische strijdkrachten. Volgens de Hoge Raad had de compound beschermd moeten worden.

Tien procent aansprakelijk

De enclave werd indertijd beveiligd door Dutchbat. De militairen van Dutchbat waren onder meer gelegerd op de Johan Willem Friso-kazerne in Assen.

De Hoge Raad verklaarde de Staat voor 10 procent aansprakelijk voor de schade van de nabestaanden. De Staat geeft met de schadevergoeding uitvoering aan de deze uitspraak.

De onafhankelijke commissie bestaat uit, voorzitter Mr. Wortmann, lid van de Raad van State en voorzitter van de commissie, mr. A. Hammerstein, voormalig lid van de Raad van State in buitengewone dienst en oud-regeringscommissaris en mr. E. Kronenburg, voormalig SG Buitenlandse Zaken, ambassadeur Parijs en Peking en voormalig grootmeester Koninklijk Huis.

Meer over dit onderwerp:
Srebrenica Dutchbat Potocari schadevergoeding
Deel dit artikel: