70 jaar geleden kwamen Indische Nederlanders aan in De Schattenberg

De geschiedenis van Kamp Westerbork is een bekende. Toch is er één periode die vaak nog wat onderbelicht blijft. Dat is namelijk het jaar waarin het kamp dient als repatriëringskamp voor Indische Nederlanders. Het is nu zeventig jaar geleden dat de eerste bewoners aankomen in wat dan De Schattenberg heet.

Na de onafhankelijkheid van Indonesië in 1949 moeten Indische Nederlanders een keuze maken: blijven ze in Indonesië, of gaan ze naar Nederland? "Een grote groep koos toen voor Nederland", zegt Guido Abuys, conservator van Herinneringscentrum Kamp Westerbork. Veel van hen voelden zich namelijk ook niet meer veilig in Indonesië. Ook is er van oudsher een band met Nederland. Zo wordt er thuis door velen alleen Nederlands gesproken.

"Hier in Nederland was alleen een gebrek aan opvangplekken, omdat het land nog altijd herstellende was van de Tweede Wereldoorlog", legt Abuys uit. Veel repatrianten - zoals de Indische Nederlanders ook wel worden genoemd - worden in pensions ondergebracht of gaan in De Schattenberg wonen.

'Ik moest huilen'

Frederika Bloemhard kan zich die periode nog goed herinneren, zo vertelde ze in 2000 op 91-jarige leeftijd aan Abuys. "Uit de boot, gelijk de bussen in naar Schattenberg. Wij wisten natuurlijk wat het was, maar het was vreselijk. Oh, die aankomst daar. (...) Toen we die matrassen zagen, moest ik huilen."

Het voormalige doorgangskamp Westerbork is eigenlijk nog helemaal niet klaar voor de ontvangst van de repatrianten. De beslissing om hen in De Schattenberg onder te brengen wordt half juni genomen. Het kamp moet gauw schoongemaakt en klaargemaakt worden, want op 1 juli 1950 komen de eerste nieuwe bewoners aan. Rond 3-4 juli volgen grotere groepen. Eind 1950 wonen er iets meer dan duizend mensen in de twee barakken. "Het is in die tijd ook een komen en gaan van mensen", weet Abuys. "Sommige mensen kregen ergens anders huisvesting, of gingen bij andere familieleden wonen."

Een bewoner van De Schattenberg (niet de familie Bloemhard), oktober 1950 (Rechten: Nationaal Archief - Winterbergen / Anefo)

Omschakeling

De familie Bloemhard wordt eerst opgevangen in een grote barak, later krijgt het gezin een eigen kleine ruimte. Danny Bloemhard (die 13 is als hij in Nederland aankomt) herinnert het zich nog, zo vertelde hij eerder ook aan Abuys. "We kregen een compartiment in de barak, waar je dan ook als gezin bij elkaar kon zijn." Het is een hele omschakeling voor de familie. "Je denkt toch dat je anders opgevangen wordt, in een hotelletje of weet ik wat... Het was wel een dikke tegenvaller."

De kinderen gaan na de 'zomervakantie' in Assen naar school en proberen het Nederlandse leven op te pakken. "Het snellere leven was eigenlijk waar wij de meeste problemen mee hadden", vertelde Danny Bloemhard. Veel van de Indische Nederlanders moeten zich aanpassen aan een land waar ze zich sterk mee verbonden voelen, maar eigenlijk heel onbekend zijn. Ook is er veel discriminatie. Frederika Bloemhard kan zich meerdere incidenten herinneren, met name toen ze een half jaar later verhuisd waren naar Hoogezand. "Daar hadden we een buurvrouw die niet wist wat ze moest verwachten. Ze dacht dat wij een beetje achtergebleven mensen waren, of zo."

Volgende groep bewoners

In maart 1951 vertrekken de laatste Indische Nederlanders uit De Schattenberg. Kort daarop worden nieuwe bewoners in het woonoord ondergebracht: namelijk, Molukkers. Twintig jaar later - in 1971 - worden daar de laatsten onder dwang uit Schattenberg gezet.

Deel dit artikel: