Baan van carillonspeler Hoogeveen op de tocht

Het klokkenspel in de toren van het stadhuis in Hoogeveen is al sinds 1940 te horen. Maar de vraag is hoe lang die traditie nog kan worden voortgezet. De functie van de beiaardier staat namelijk vanwege de bezuinigingen in de gemeente op de tocht.

Jasper Stam is de beiaardier die de afgelopen vier jaar in de toren kruipt en met zijn vuisten en voeten de toetsen bespeelt. Hij is één van de drie laatste beiaardiers in Drenthe.

Volgens Stam zijn de klanken van het carillon immaterieel cultureel erfgoed. "Het is moeilijk te omschrijven, maar er zit een soort magische klank in die hoort bij het stadsleven", legt Stam uit. "Je moet de sfeer maken. Het is niet voor niets dat ik altijd op donderdagochtend speel, want dan is er markt. Als kind hoorde ik het oude carillon van Kampen vaak spelen. Zelf speel ik ook orgel en van het één kwam het ander."

Bezuinigingen

De gemeente Hoogeveen moet dit jaar fors bezuinigen en het stoppen met het bespelen van het carillon levert 12.000 euro op. Het is één van de vele voorstellen van het nieuwe zakencollege, maar Stam vraagt zich af wat het de gemeente op de lange termijn oplevert.

Twee jaar geleden heeft de gemeente het carillon gerestaureerd. Dat geld zou dan weggegooid zijn volgens Stam. Maar er is nog een reden: "Kijk, je hebt dit kapitaal hangen in de toren, ik speel hierop. Het zijn mechanieken, bewegende delen. Als je niet speelt komt het vast te zitten en als je er dan in de toekomst wel weer iets mee doen, dan gaat dat geld kosten. Dus de vraag is of het op de lange termijn in financieel opzicht een goede beslissing is."

De kwaliteit van het automatische klokkenspel vindt Stam anders dan die van de gemiddelde beiaardier. "Wat ik doe is ik wissel af tussen hard, zacht, snel en langzaam. Alles wat een musicus doet om het muzikaal te maken."

Ook speelt Stam verzoekjes, nu nog van vooral collega's in het stadhuis, maar hij hoopte dat te kunnen uitbreiden naar het spelen van verzoekjes van inwoners uit de stad. "Soms kan dat, dan moet ik het bewerken voor het carillon en dat is leuk om te doen, maar soms is het ook te ingewikkeld en blijft er na een bewerking niets van over."

Hij zou het jammer vinden als hij nu een functie aan het bureau krijgt aangeboden voor de zeven uur in de week die hij maakt. Hoe leuk hij het bespelen van het carillon ook vindt, vrijwillig gaat hij het niet doen. "Het kan natuurlijk altijd, maar als je een ambtenaar vraagt vrijwillig een dag langer te werken in de week, dan staat ook niet iedereen te juichen."

Deel dit artikel: