Tegenpolen Jayden Drent en Stijn van Soest jagen Olympische droom na

BMX- Het was een seizoen zonder ook maar één officiële wedstrijd. Corona gooide roet in het eten. Maar toch trainen BMX'ers Stijn van Soest (14) uit Spijkerboor en Jayden Drent (14) uit Barger Oosterveld gewoon door. Ze maken deel uit van de selectie Noord-Oost en trainen op het Regionaal Trainingscentrum in Klazienaveen.

"Omdat we geen wedstrijden hebben, daalt de motivatie wel want je weet niet waarvoor je traint", zegt Van Soest. Toch is Drent ervan overtuigd dat hij wel progressie heeft gemaakt. "Dat komt ook omdat ik groter, ouder en sterker word. Maar ik denk wel dat je uiteindelijk door wedstrijden harder gaat rijden", aldus Drent.

"Alle BMX'ers willen Olympisch of wereldkampioen worden. Maar ze weten nog niet dat ze er heel veel werk voor moeten leveren en ook heel veel voor moeten laten. Dit is de fase waarin ze dat mogen leren", vult Frank Heijne aan. Hij werd zelf in 2010 Europees Kampioen en is de trainer van het Regionaal Trainingscentrum Noord-Oost.

Artikel gaat verder na de video.

Jayden Drent: 'Onbesuisd'

De karakters van beide provinciegenoten in zijn selectie liggen volgens hem ver uit elkaar. "Jayden is actief en aanwezig. Die wil graag. Hij kan soms ook wat roekeloos en onbesuisd zijn. Maar hij heeft wel veel potentie om echt ver te komen", analyseert Heijne.

Drent reageert lachend: "Ik wilde net een bult springen die er door de vorst niet zo mooi bij ligt. En toen zei Frank: "Je mag het van mij doen. Maar er zijn twee opties: of je rolt hier straks weg in een ambulance. Of het gaat goed en je rijdt op twee wielen met een big smile weer weg'. Gelukkig is het de laatste optie geworden", grijnst Drent.

De BMX'er uit Barger Oosterveld is een neefje van Martijn Scherpen die dichtbij hem woont. Scherpen reeg in het verleden de titels aan elkaar. Hij ging als reserve naar de Olympische Spelen van Peking en is dan ook het grote voorbeeld van Drent. Maar zelf kan hij er ook wat van. De jonge BMX'er heeft inmiddels vier Nederlandse titels. En hij werd ooit al eens vierde en zesde tijdens het Europees Kampioenschap.

Stijn van Soest: 'technisch goed'

Onze andere provinciegenoot in de regio-selectie is Stijn van Soest uit Spijkerboor. Hij is volgens trainer Frank Heijne een tegenpool van Drent. "Het technische aspect vindt hij het leukste. En dat is ook veruit het belangrijkste bij BMX. Je moet technisch bekwaam zijn om zover mogelijk te komen. Daarnaast realiseert Stijn zich steeds meer hoe goed hij is. En hij leert nu ook om steeds meer actie te ondernemen om het maximale eruit te halen", vertelt trainer Heijne.

Zelf weet hij dat er op het gebied van kracht en conditie nog heel wat te winnen valt. "Stijn moet nog wat rauwer en explosiever worden. Ook moet hij wat gehaaider worden en zichzelf voorop stellen", becommentarieert Heijne.

Start

Tijdens de baantraining ligt vandaag de nadruk op de eerste vier pedaalslagen na de start. Trainer Heijne filmt zijn pupillen met een I-pad. "Het is belangrijk dat je slagen honderd procent raak zijn. Maar ook de timing en je manier van bewegen is belangrijk. Als dat niet goed gaat, kom je in de verdrukking en dan is de kans groot dat je niet als eerste de bocht in komt en dan is de wedstrijd eigenlijk al verkeken."

Krachttraining

Na de baantraining volgt nog een krachttraining. Niet bepaald de liefhebberij van Van Soest. Maar Heiijne bevestigt nog maar even hoe belangrijk het voor een BMX'er is. "Je moet eigenlijk over rauwe kracht, explosiviteit en duurvermogen beschikken. Want als je die laatste bocht uitkomt zit je vol in de verzuring. Dus dat moet je allemaal ontwikkelen om een heel rondje goed vol te houden", besluit Heijne.

Deel dit artikel: