'Dat ik in vrouwenkleding met mijn vader door Meppel liep, vergeet ik nooit meer'

"Ik haal de telefoon uit mijn zak en geef hem aan papa. Die maakt meteen het gebaar dat ik verwacht had: drie dagen geen eten en buiten blijven. Uiteindelijk zie ik maar één oplossing: weglopen en naar de politie gaan." Israel leest in aflevering 2 van de documentaire De kinderen van Ruinerwold voor uit zijn dagboek over hoe hij op 13 oktober 2019 besluit naar de politie te gaan.

De nu 27-jarige man is de oudste van de zes kinderen die met hun vader Gerrit Jan van D. sinds 2010 in de boerderij aan de Buitenhuizerweg bij Ruinerwold woonden. Hij vlucht naar een café in het dorp, waarna het gezin een dag later door de politie wordt ontdekt. "Ik wilde wel dat we ontdekt zouden worden, maar het liefst op een manier dat niemand zou weten dat ik het gezegd had", vertelt hij terugkijkend. Op 13 oktober, als straf dreigt vanwege de mobiele telefoon die hij heeft, besluit hij toch door te zetten. Dan komen ze er maar achter.

Met open mond staan kijken

In de vierdelige documentaire van Jessica Villerius vertellen hij en zijn oudere broers Shin (31) en Edino (28) en zus Mar Jan (30), die het gezin al voor Ruinerwold tussen 2008 en 2010 ontvluchtten, het bizarre verhaal over hun jeugd. Over vader Gerrit Jan van D., die zijn eigen geloof predikte, waarbij hij zichzelf zag als aartsvader en de kinderen als aartskinderen, die een missie hadden samen. De jongste zes werden voor de buitenwereld verborgen gehouden. Alleen de oudste drie stonden ingeschreven bij de burgerlijke stand.

"Toen ik Israel weer zag, heb ik een halve minuut met mijn mond open naar hem staan kijken, zei degene die hem weg bracht", zegt Mar Jan over hun ontmoeting na elf jaar. "Ik was vooral bang dat hij boos op ons zou zijn, maar dat was helemaal niet zo. Het was heel mooi eigenlijk, dat moment dat we elkaar zagen."

Worsteling

Als de drie oudste kinderen in de periode tussen 2010 en oktober 2019 bij elkaar kwamen, ging het altijd over hun broertjes en zusjes die met hun vader in afzondering leefden, vertelt Edino. Ze worstelden ermee wat ze konden doen. "We konden dat niet bespreken met anderen erbij, dus als je elkaar opzoekt, heb je het erover. Het was altijd confronterend. We wisten dat het geen leven was, maar we kwamen geen steek verder. We stonden er alle drie anders in."

(verhaal gaat verder onder de video)

"Ik ben nu niet bang voor hem en dat was ik wel toen ik wegging, heel gek", zegt Mar Jan, voor ze samen met Edino en Israel bij Gerrit Jan van D. op bezoek gaat in het gevangenisziekenhuis in Scheveningen waar hun vader op dat moment nog vastzit. Vanwege de beroerte die hij in 2016 heeft gehad, is Van D. halfzijdig verlamd en kan hij niet meer praten. Bij de ontmoeting, die niet gefilmd is, blijkt dat hun vader vooral heel blij is om Edino te zien. Na afloop van het bezoek bespreken de drie het bijzondere moment samen.

Niet goed genoeg

"Ik vond het heel fijn, want ik had me op iets ergers voorbereid", zegt Israel, die zijn vader dan nog maar een paar weken niet heeft gezien. "Het was ook wel een beetje vreemd, maar hij kent mij nog..." Edino en Mar Jan hebben hun vader jaren niet gezien. Edino was erg emotioneel toen hij zijn vader zag. Mar Jan: "Hij was ook echt heel trots op je, dat zag je heel goed. Ik wilde bijna boos worden, want Israel en mij hield hij veel meer af. Ik dacht: nu doe je dus hetzelfde als vroeger: mij het gevoel geven dat ik niet goed genoeg ben."

(verhaal gaat verder onder de video)

Ondanks alles heeft Edino zijn vader wel gemist, vertelt hij. Maar hij blikt terug op de periode waarin hij een jaar of 12 was. De moeder van het gezin is dan al overleden aan kanker. Gerrit Jan van D. gebruikte haar vaak om andere geesten op te roepen. Hij was ervan overtuigd dat er dan een andere geest in haar lichaam zat. Edino vertelt dat de oudere kinderen en klusjesman Josef B. na haar dood aan de beurt zijn. "Op een bepaald moment waren we allemaal iemand anders. Daardoor werd het heel lastig en chaotisch."

"Je weet zelf wel wie je bent, maar je probeert het wel op een goede manier neer te zetten, al speel je eigenlijk een spelletje", vervolgt hij. "Hadden wij gezegd: 'Het werkt niet' of 'Ik ben die geest niet, ik ben gewoon Edino', dan had het geen verschil gemaakt. Als we dat hadden gedaan, lag het aan ons, dan stelden we ons niet genoeg open."

In vrouwenkleding door Meppel

Zowel hij als zus Mar Jan belichamen volgens Van D. later regelmatig de geest van hun moeder en moeten zich dan ook gedragen als zijn vrouw. Beiden werden seksueel misbruikt. Mar Jan wil niet praten over wat er precies is gebeurd. Edino weet nog dat zijn vader soms wekenlang deed alsof hij zijn overleden moeder was. "Ik zat en sliep dan naast hem en ben zelfs een keer hier in Meppel door de stad gelopen naast hem, in vrouwenkleding."

Hij hoopt op dat moment vurig dat hij geen klasgenoten tegenkomt. "Ik had echt het idee dat iedereen me aankeek. We liepen ook nog door de Hoofdstaat, middenin de stad. Ik zal het nooit meer vergeten." Hij lacht, maar zijn ogen zeggen iets anders.

Op de vraag wat het ergste was, wat zijn vader hen liet doen als Edino de geest van zijn moeder belichaamde, is het even stil. "Hij behandelde ons dan als zijn vrouw, dus je sliep ook met hem enzo..."

Toen ik mijn vader na al die jaren weer terugzag, was het voor mij echt een ander persoon. Jij bent niet meer degene op wie ik boos wil worden, dacht ik"
Mar Jan, oudste dochter Gerrit Jan van D.

De ontmoeting met zijn vader noemt hij confronterend. "We wisten dat de situatie ooit onhoudbaar zou worden. We hadden wel bedacht dat hij ziek zou worden of er iets anders zou gebeuren, maar niet zozeer dat hij een beroerte zou krijgen en eindelijk weer een soort kind zou worden. Daardoor zijn de rollen nu omgedraaid."

Mar Jan: "Toen ik hem weer zag, was het voor mij echt een ander persoon. Ik herkende wel gedrag van vroeger. Dat was naar om te zien en maakte me boos, maar toen dacht ik: jij bent niet meer de persoon op wie ik boos wil worden."

'Moeder is nu hier bij mij'

In 2004 overlijdt de moeder van de negen kinderen aan darmkanker. "We noemden haar eerst gewoon mama. Daarna niet meer. Volgens mijn vader was ze het geloof verloren en was dat één van de oorzaken dat ze is overleden aan kanker. Zijn overtuiging was dat je, als je gelooft, alles kunt overwinnen", aldus Israel. "Achteraf is dat pijnlijk, want er is volgens mij voor gekozen haar geen chemo te geven."

Na lang thuis te zijn verzorgd, gaat hun moeder naar een ziekenhuis, waar ze ook overlijdt. "Mijn vader en Edino waren erbij. Ik weet nog dat mijn vader thuiskwam en het niet meteen vertelde. Op een bepaald moment zei hij: 'Moeder is nu hier bij mij' en toen kregen we het we door", herinnert Israel zich.

"We gingen allemaal mee naar de crematie in Zwolle en daar moesten we zeggen dat we kinderen van een vriendin van moeder waren", doelt hij op zichzelf en zijn jongere broertje en zusjes. "Er waren ook veel andere mensen, zoals vrienden van mijn vader, die niks over ons bestaan wisten. Er was eigenlijk bijna niemand die wist dat wij niet ingeschreven stonden. Ze wisten ook niet dat we rouwden om onze eigen moeder."

Lees ook: