'Nieuwe Drentse bossen en bomen vooral buiten bestaande natuurgebieden'

Drenthe moet er 3700 hectare bos bij maken. Dat is voor Natuurmonumenten het belangrijkste uit de Bossenstrategie. Manager Jan Gorter van Natuurmonumenten riep de provincie op om er werk van te maken. Want Natuurmonumenten kan wel 700 hectare ruimte vinden binnen de bestaande gronden van natuurterreinbeheerders, maar 3000 hectare moet daarbuiten worden gezocht.

Daarvoor kijkt Gorter vooral naar de landbouw. Niet alleen naar stukken grond die echt bos moeten worden, maar ook naar herstel van vroegere bosjes en bomen op landbouwgrond en uitbreiding van bomen op het platteland. Er moeten meer losse bomen komen in gemeenten. Ook steden moeten meer vergroenen. Dat is niet alleen goed voor het aantal nieuwe bomen dat er moet komen, maar ook voor de bestrijding van hitte in de binnensteden, denkt de manager van Natuurmonumenten Midden Nederland. Gorter was inspreker tijdens de behandeling van de Bossenstrategie in Provinciale Staten.

Wat is de Bossenstrategie?

De Drentse Bossenstrategie is een uitwerking van de Bossenstrategie van het kabinet. We hebben momenteel 370.000 hectare bos in Nederland. Dat moet in 2030 met tien procent gegroeid zijn naar 407.000 hectare. Dat is nodig voor de biodiversiteit en het vastleggen van koolstof, CO2 dus, zoals afgesproken in het Klimaatakkoord.

En er zijn ook nog stukken bos die gekapt moeten worden om plaats te maken voor herstel van andere natuur: 3400 hectare bos. Een deel van deze bossen is al gekapt en een deel moet nog worden gekapt. Momenteel is in de Wet Natuurbescherming opgenomen dat voor deze boskap in het kader van Natura 2000 een uitzondering geldt van de herplantplicht. Omdat ontbossing leidt tot verlies van koolstofopslag én maatschappelijke onrust moet de ontbossing met terugwerkende kracht (vanaf 1 januari 2017) volledig gecompenseerd worden met nieuwe bosaanleg.

Aan de ene kant wordt in de landelijke Bossenstrategie ingezet op meer bos en biodiversiteit in het bos, maar aan de andere kant ook op meer productiebos en houtkap. Reden voor de Partij voor de Dieren (PvdD) om de Drentse Bossenstrategie in Provinciale Staten te bespreken.

Taak en kansen voor de landbouw?

Het herstel van oude bosjes en andere landschapselementen in landbouwgebieden past volgens Gorter ook heel goed in de extensivering van de landbouw rondom kwetsbare natuurgebieden, waar de stikstikstofneerslag omlaag moet. Daarvoor moeten de boeren wel een verdienmodel of compensatie voor opbrengstderving worden gegeven, zegt Gorter.

VVD-statenlid Johan Moes vindt het veel te makkelijk dat Natuurmonumenten de opgave van drieduizend hectare bomen en bos maar bij de landbouw wil halen. "Kijk maar binnen uw eigen grondgebied om daar meer bos aan te planten." Volgens Gorter is dat niet mogelijk omdat er ook gebieden zijn waar je, vanwege andere waardevolle natuur, geen bomen kunt planten. "U ziet het dus duidelijk anders dan gedeputeerde Henk Jumelet, die vindt dat de ruimte maar binnen het Natuurnetwerk Nederland gevonden moet worden?", vroeg PvdD-fractievoorzitter Renate Zuiker. Gort: "Klopt. We gaan niet de bestaande bossen maar helemaal dichtplanten, het moet erbuiten." In de landelijke Bossenstrategie staat overigens: 15.000 hectare binnen het Natuurnetwerk Nederland, 19.000 hectare daarbuiten.

(verhaal gaat verder onder de foto)

Berkenbos op klein stukje overgebleven veengrond bij Dalerpeel (Rechten: Serge Vinkenvleugel/RTV Drenthe)

Bomenkap voor en tegen

Bomenkap heeft - overigens niet alleen in Drenthe - de afgelopen jaren veelal geleid tot emoties en discussies. Van mensen die geen enkele boom gekapt willen zien tot mensen die bos ook in willen zetten voor de productie van hout voor de bouw, om zo CO2 op te slaan. Jan Gorter riep de Statenleden bij het beoordelen van de Drentse Bossenstrategie op vooral weg te blijven van de extreme opvattingen. In Drenthe is de afgelopen jaren vooral gekapt in productiebossen, eenzijdige bossen (bossen die grotendeels met dezelfde boomsoort zijn aangeplant) of bossen die plaats moeten maken voor het behoud van andere kwetsbare natuur. Overigens kapt Natuurmonumenten zelf maar weinig, zegt Gorter: "Alleen daar waar we saai bos kunnen omvormen of zeldzame types bomen in een bos moeten redden. Verder alleen dood bos en voor de rest laten we bossen vooral hun eigen gang gaan."

Dat laatste is koren op de molen van de PVV en FvD. Maar wel om een andere reden. PVV en FvD willen namelijk dat de bossen met rust worden gelaten, omdat ze tegen bomenkap voor andere nieuwe natuur zijn. PVV'er Bert Vorenkamp noemt het Dwingelderveld en het Drouwenerzand als recente slechte voorbeelden: "Wij hebben grote bezwaren tegen natuurarchitecten die zich hier uitleven."

Houtproductie

In de landelijk Bossenstrategie zit ook meer ruimte voor productiebos. Dus bomenkap ten bate van biomassa of hout voor de bouw. VVD en SP zien wel wat in dat laatste. VVD'er Johan Moes: "Als we één miljoen huizen willen bouwen in Nederland hebben we veel hout nodig; kappen voor circulaire woningbouw dus." Ook Wim Moinat van de SP sluit zich daarbij aan: "Hout is een belangrijk element in duurzame woningbouw, maar nu wordt het bijna allemaal geïmporteerd. Moeten we niet ons eigen hout daarvoor gaan gebruiken?"

Voor de PvdD is dat de omgekeerde wereld. Fractievoorzitter Renate Zuiker: "Meer maakbaar bos zoals in de landelijke Bossenstrategie staat betekent meer menselijk beheer en meer bomenkap. Dat gaat lijnrecht in tegen het doel van het beleid, namelijk meer CO2 vastlegging, meer biodiversiteit en minder maatschappelijke onrust door kaalkap. Als Drentse inwoners in de toekomst nog vaker geconfronteerd worden met gekapte vlaktes in de Drentse natuur, is er wederom veel maatschappelijke onrust te verwachten. Ook vernielde bosbodems door het gebruik van zware machines zullen leiden tot een verlies aan biodiversiteit, het vrijkomen van CO2 en een teleurstellende beleving van het bos."

Bij Natuurmonumenten is houtkap volgens Gorter bijvangst en moet al het hout gebruikt worden voor woningbouw. Andere terreinbeheerders (zoals Staatsbosbeheer, red.) zijn volgens hem makkelijker in waar het hout voor gebruikt kan worden.

Wat gaat de provincie doen?

Gedeputeerde Henk Jumelet wil in ieder geval de komende vier jaar tussen een half miljoen en één miljoen bomen in Drenthe erbij planten. De komende tijd gaat hij met natuurbeheerders, landbouw, recreatie, waterschappen en gemeenten een conceptplan maken dat na de zomer klaar moet zijn voor reacties en inspraak. Daarna gaat het naar Provinciale Staten. Een poging van de PvdD om al vooraf door Provinciale Staten een hele brede 'ophaalsessie' met alle betrokkenen - en dan vooral inwoners - te doen, kreeg onvoldoende politieke steun.

Bosjes bij het Ravijn in Gasselte (Rechten: Serge Vinkenvleugel/RTV Drenthe)