Molukse gemeenschap in Assen herdenkt voor tweede keer aankomst in Nederland

Het is nog vroeg bij cultuurcentrum DNK in Assen. Toch zijn er enkele tientallen Molukkers bijeengekomen. Ze herdenken dat het precies zeventig jaar geleden is dat het schip Somersetshire de haven van Amsterdam binnenvoer, met aan boord Nederlandse KNIL-militairen.

In maart werd al uitgebreid stilgestaan bij de aankomst van de eerste Molukkers in Nederland. Maar in totaal zijn de Molukkers met twaalf schepen het land binnengekomen, tussen maart en juli 1951. En ook deze schepen wil de gemeenschap aandacht geven.

"We vinden het belangrijk dat we niet alleen 21 maart noemen als de dag dat de schepen zijn aangekomen. Ook de andere aankomstdagen willen we herdenken", vertelt organisator Mellie Lumalessil-Metiarij.

Zeventig jaar geleden kwamen 12500 Molukse KNIL-militairen naar Nederland. Ze hadden gestreden in de Indonesische onafhankelijksheidsoorlog, maar werden door hun eigen regering als verraders gezien. Het liefst wilden ze terug naar de Zuid-Molukken, maar dat was te gevaarlijk. Nederland besloot hen daarom hiernaartoe te halen, uit bescherming. Ze kregen onder meer onderdak in voormalig doorgangskamp Westerbork, ook wel Kamp Schattenberg genoemd. Het plan was om hier tijdelijk te blijven, maar dat verblijf werd definitief. Omdat de nieuwe bewoners buiten de Nederlandse samenleving werden gehouden, voelden veel Molukkers zich door Nederland in de steek gelaten.

De Molukkers lopen een route vanaf het centrum in Assen tot voormalig Kamp Schattenberg. Vlak bij DNK stond een bushalte waar de eerste generatie door een bus werd meegenomen naar voormalig Kamp Westerbork. Die bushalte is inmiddels verdwenen.

(verhaal gaat verder na de video)

Een half jaar

De aanwezigen in Assen houden spandoeken omhoog met foto's van alle twaalf de schepen. Sommigen hebben foto's van hun ouders of grootouders op hun t-shirt gedrukt. "We gedenken, overdenken en aandenken", legt Lumalessil-Metiarij uit. "Het blijft altijd leven dat hun ouders, grootouders en soms zelfs overgrootouders in 1951 zijn aangekomen. Eigenlijk voor slechts een half jaar."

Slechts water

Aan boord van het achtste schip zaten ook de ouders van Nonna Nanlohij. "Het is heel zwaar voor mijn ouders geweest. Ze lieten alles en iedereen achter. Mijn moeder was toen nog jong. Ze vertelde later dat ze uit een van de scheepsramen keek en slechts water zag tot zover het oog reikte."

Ook Saar Solisa-Thenu is bij de herdenking aanwezig. Net als Nanlohij is zij de tweede generatie. "Ik vind het wel heel heftig om op een rijtje te zetten wat mijn ouders hebben meegemaakt", vertelt ze. "Wij als kinderen zijn weliswaar in Nederland geboren, maar je voelt wel de pijn. Die draag je altijd met je mee."

Lees ook:

Meer over dit onderwerp:
Assen Herdenking Molukkers KNIL-militairen
Deel dit artikel: