Boeren Koloniën van Weldadigheid hopen mee te profiteren van Unesco-status

De Unesco-status voor de Koloniën van Weldadigheid is niet alleen een boost voor de toerismesector, ook boeren in het gebied kunnen ervan profiteren. Zij zouden een financiële impuls moeten krijgen van het Rijk, vindt burgemeester Rikus Jager van de gemeente Westerveld.

Hij hoopt dat met de status boeren geld krijgen van het Rijk om duurzamer te boeren, omdat dat 200 jaar geleden in de koloniën ook zo gebeurde. Boerin Ruth Middelwijk is een schoolvoorbeeld van hoe duurzame landbouw in de Koloniën van Weldadigheid eruit kan zien. Zij vindt en hoopt vooral dat boeren in het gebied willen kijken naar het grotere plaatje, waarin samenwerken op het gebied van duurzaamheid en kringlooplandbouw cruciaal zijn.

'Gedachte Van den Bosch voortzetten'

Middelwijk: "Vroeger stonden ze in dit gebied voor grote uitdagingen: er was arme grond, er wilde weinig groeien en de mensen hadden honger. Toen hielden ze koeien alleen voor de mest, om de grond te verrijken, zodat ze wat konden verbouwen. Johannes van den Bosch pleitte voor zelfvoorzienendheid en zelfredzaamheid. Die gedachte moeten we voortzetten naar de tijd van nu: duurzaam, een betere biodiversiteit en een kringlooplandbouw. Met de andere boeren in het gebied hebben we die gemeenschappelijke deler. Dat is kostbaar, dus het zou mooi zijn als daar extra geld voor komt."

Zij en haar man hebben ook een melkveebedrijf en boeren in de gedachte van Johannes van den Bosch: zelfvoorzienend en zelfredzaam. Hun bedrijf zit middenin de landbouwkolonie. Ze bestieren de historische Hoeve Koning Willem III.

(verhaal gaat verder onder de foto)

Ruth Middelwijk is boerin op de Hoeve Koning Willem III (Rechten: RTV Drenthe)

Boerenbedrijven beschermd

Tweehonderd jaar geleden kreeg elke kolonist drie hectare grond die onder leiding van de Maatschappij van Weldadigheid werd bewerkt, ingezaaid en geoogst. In de jaren '50 en '60 van de negentiende eeuw bleek dat veel kolonisten niet in staat waren om zelfstandig een boerenbedrijfje te runnen. Door de grond van vijftien kleine hoeves samen te voegen, ontstond een grote boerderij. Hoeve Koning Willem III is één van deze samengevoegde boerderijen.

Door de Unesco-status ziet Middelwijk zich gesterkt als ondernemer, omdat landbouw een cruciaal onderdeel is van de Unesco-status. "Als je landbouwgebied wil blijven, dan moet je wel meedenken met de ondernemer. Het is goed dat we gaan kijken hoe we de kringlooplandbouw kunnen krijgen, maar we moeten niet vergeten dat we ook naar ons verdienmodel moeten kijken." Ze vindt niet dat er nu een grote hang naar het oude moet ontstaan, er moet nog steeds worden geïnnoveerd, net als Van den Bosch dat deed.

Unesco-zuivel

Of alle boeren in het gebied enthousiast zijn, weet Middelwijk niet. In aanloop naar de Unesco-status, werd twee jaar geleden al vastgelegd dat boeren vrijwel niet worden beperkt in wat ze verbouwen op hun land in het gebied. Middelwijk ziet wel voordelen. Zo kunnen boeren die zelf zuivelproducten verkopen, daar nu het label 'afkomstig uit Unesco-gebied' op plakken.

Deel dit artikel: