Drenthe loopt achter op schema met Programma Vitale Vakantieparken

De uitvoering van het Programma Vitale Vakantieparken in Drenthe is niet op het op voorhand gewenste niveau. Dat blijkt uit een tussentijdse evaluatie van ZKA Leisure Strategy, die vandaag gepresenteerd werd. Vooral de capaciteit bij gemeenten speelt het programma parten.

Meer dan 200 geïnteresseerden volgden de informatiesessie, waarin burgemeester Eric van Oosterhout van de gemeente Emmen met leden van de stuurgroep Vitale Vakantieparken en ondernemers in gesprek ging. Henk Brink, gedeputeerde in Drenthe en lid van de stuurgroep, gaf één van de belangrijkste opgaven aan: "We hebben veel parken, eigenlijk te veel met gemiddeld een te matige kwaliteit. Als we een aantrekkelijke recreatieprovincie willen blijven, moeten we daar naar kijken."

Achter op eigen ambitie

Sinds 2018 is het Programma Vitale Vakantieparken actief. Daarin staat onder andere dat Drenthe in 2023 vijftig parken wil hebben die excelleren en vijftig parken een transformatieproces in willen laten gaan. Dat komt er plat gezegd op neer dat die parken dan een volledige make-over moeten ondergaan of niet langer als vakantiepark te boek staan.

In de praktijk blijkt dat Drenthe nog niet op koers ligt. Twintig parken excelleren momenteel en 32 parken doorlopen een transformatieproces. Lars Pijlman van ZKA Leisure Strategy gaf aan dat Drenthe daarmee achterligt op haar eigen ambitie. "Er moet meer gas worden gegeven", stelde hij vast.

Onderbesteding

Volgens Pijlman heeft dat er onder meer mee te maken dat sommige gemeenten de randvoorwaarden voor het programma nog niet op orde hebben. Dat maakt dat betrokkenen vaak niet slagvaardig te werk kunnen gaan.

Opmerkelijk is dat er een duidelijke onderbesteding is van de beschikbare financiële middelen. Meer dan 4,5 miljoen euro is er uitgetrokken voor het programma, maar tot dusverre is er nog geen 2 miljoen euro besteed.

Basis op orde

Pijlman gaf tot slot aan dat de basis van het programma in Drenthe op orde is. "De tijd van zaaien en ploegen is voorbij, nu moet er geoogst worden", zegt hij. "Stel een duidelijk communicatieplan op en vergroot de uitvoeringskracht bij gemeenten: dan kun je stappen maken."

Jeroen Westendorp, wethouder in de gemeente Noordenveld en lid van de stuurgroep, haalde De Tip in Norg en De Holle Drift in Schipborg aan als voorbeelden waar het programma al sporen heeft nagelaten. "Ik zie dat andere parken hier nu ook naar kijken. Maar het programma is weerbarstig: het ene park is het andere niet. Overal spelen andere problemen. De ene keer is het grondbezit, de andere keer infrastructuur."

Rooskleurig

Henk van de Boer, voorzitter van de stuurgroep Vitale Vakantieparken Drenthe, concludeerde dat het programma langzamer van de grond kwam dan gehoopt. "Misschien was het doel te rooskleurig. Verder speelde ook corona een rol in de uitvoering van het programma. Maar we moeten ook niet vergeten dat er al veel op de rol staat en er veel in uitvoering gaat worden gebracht."

Dat beaamt Henk Brink. "Misschien waren we te ambitieus, maar daar hou ik wel van. Bovendien: alles is beter dan niets doen."

'Ga hiermee door'

Als het aan projectmanager Jan Wibier ligt, gaat het Programma Vitale Vakantieparken Drenthe ook na 2023 verder. "Het is absoluut de moeite waard en goed voor Drenthe", zegt hij. "Los van de bestuurlijke kant, gaan ook de ondernemers nog meer betrokken worden bij het uitvoeringsprogramma."

"Maar", zo concludeerde Wibier, "er moet tempo worden gemaakt. Dat heeft te maken met strakke leiding en capaciteit bij gemeenten. Daar ligt een uitdaging."

Lees ook: