Drentse wethouders zijn blij met armoedebeleidspost in het nieuwe kabinet

Wethouders in Drenthe zijn blij met een minister voor armoedebeleid in het nieuwe kabinet. Armoede komt veel voor in de grote steden, maar ook in Drenthe zijn gemeenten druk met de armoede-aanpak. De wethouders verwachten van minister Carola Schouten vooral dat ze over veel zaken gaat meepraten.

'Uitstekend', 'een goede zaak' en 'een erkenning voor het probleem': het is een greep uit de reacties van wethouders uit Drenthe op de nieuwe ministerspost. In het nieuwe kabinet gaat Schouten (ChristenUnie) zich als minister voor Armoedebeleid, Participatie en Pensioenen bezighouden met het bestrijden van armoede in Nederland. Wethouders van grote gemeenten zoals Amsterdam en Rotterdam hebben zich ook al positief uitgelaten over die functie.

Andere ministers aanspreken

"Deze aanstelling is een erkenning voor een probleem waar gemeenten al jaren mee te maken hebben", zegt wethouder Joop Brink van de gemeente Coevorden. "Ik hoop dat de minister ervoor zorgt dat het armoedebeleid in alle thema's meegenomen gaat worden. Je ziet het armoedeprobleem overal in terug: denk aan de participatiewet, de werkgelegenheid, inkomens, maar ook gezondheid. Arme mensen leven korter en in minder goede gezondheid. Daarom is een minister met die taak een goede zaak, want die kan ook collega-ministers wijzen op het meenemen van armoedebeleid in hun beleidsstukken."

Toeslagenwet

Collega-wethouder Raymond Wanders van de gemeente Emmen is het daarmee eens: "Vooral coördineren en weten wat het effect zal zijn. Daarbij hoop ik dat het kabinet de ambitie waarmaakt om de toeslagenwet af te schaffen. Je moet soms bijna hogere wiskunde hebben gestudeerd om die toeslagen aan te vragen. Dat levert vaak een hoop gedoe op", doelt Wanders op geldproblemen en schulden.

'Drenthe niet vergeten'

Jan Zwiers, wethouder in de gemeente Hoogeveen, hoopt dat er niet zomaar beleid van bovenaf 'gedropt' wordt: "Ik hoop op een wisselwerking met andere overheden, vrijwilligers- en maatschappelijke organisaties, professionals en inwoners. We moeten vooral uit het systeemdenken komen en niet in de valkuil van bijvoorbeeld de toeslagen vallen."

Hij hoopt ook dat Drenthe niet vergeten wordt door de lobby van grote steden. "We gunnen iedereen het beste. Zeker kinderen zouden armoede niet moeten ervaren. Maar wanneer de wethouder uit Rotterdam aangeeft dat zes op de tien kinderen in armoede opgroeien, zal daar veel aandacht geclaimd worden. Het is aan de gemeenten met elkaar en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten om te zorgen dat aandacht en middelen goed verdeeld worden."

Bestaanszekerheid

Wethouder Jan Broekema van de gemeente Assen vindt bestaanszekerheid, waarin mensen zichzelf kunnen voorzien in hun basisbehoeften een belangrijke pijler in het armoedebeleid: "Het zou goed zijn wanneer het kabinet meer werk gaat maken van het vergroten van bestaanszekerheid, zodat minder mensen afhankelijk zijn of worden van lokale armoederegelingen. Het zou mooi zou als er een koppeling gemaakt wordt van de uitkering aan het minimumloon."

(Tekst gaat verder onder de foto)

Onderzoeker Erik Meij (CMO STAMM) ziet vooral in Zuidoost-Drenthe relatief hoge armoedecijfers (Rechten: RTV Drenthe / Dylan de Lange)

Armoede in Drenthe

Armoede treft vooral sommige mensen in grote steden, maar ook Drenthe kent plekken met relatief hoge armoedecijfers, ziet onderzoeker Erik Meij van het platform Armoede in Drenthe van CMO STAMM. Het platform brengt armoedecijfers en -beleid in kaart. "Met name in het gebied langs de grens met Duitsland, in Zuidoost-Drenthe, liggen de cijfers wat hoger. Ook in de Veenkoloniën doen we veel onderzoek naar zogeheten intergenerationele armoede. Armoede in Drenthe heeft een bepaald karakter. Een gemeente als Tynaarlo geeft een heel ander beeld dan bijvoorbeeld de gemeente Emmen."

Verschillend beleid in armoedebestrijding

Elke gemeente kent dus zijn eigen armoedeprobleem en daarmee dus ook de aanpak ervan. Er lopen verschillende projecten en er worden instrumenten ingesteld. Zo werkt Coevorden veel met gezinscoaches, gaat Emmen langs de deuren voor een gesprek, heeft Hoogeveen bijvoorbeeld een Loket Geldzaken en heeft Assen een Financieel Regisseur in dienst, die helpt bij geldzorgen.

Lokale aanpak doorzetten

De wethouders hopen dat hun gemeentebeleid doorgezet en versterkt kan worden. Lokale overheden weten beter wat er in hun gebied speelt en nodig is, zo stellen zij. "Het is een groot, landelijk probleem", stelt de Asser wethouder Broekema. "Dat vraagt om een stevige regie en aanpak. Ik verwacht dat de minister daarbij gebruikmaakt van de kennis en ervaring uit de lokale praktijk."

Wethouder Wanders (Emmen): "We moeten ervoor zorgen dat we kunnen doen wat we nu ook doen en dat we met elkaar dat net proberen te sluiten rondom het ingewikkelde probleem van armoede."

"Geen oude schoenen weggooien, voordat je nieuwe hebt", omschrijft Zwiers het gemeentelijke armoedebeleid poëtisch, waarmee hij wil zeggen dat de huidige aanpak moet worden doorgezet, tot er eventueel een goede vervanger is. "Of we kunnen intensiveren is mede afhankelijk van of er financiële middelen vrijkomen. Gemeenten hebben dit geld van zichzelf niet."

Coevorder wethouder Brink: "Landelijke maatregelen betekenen niet altijd dat het lokaal werkt. De lokale omstandigheden, waar gemeenten juist goed van op de hoogte zijn, moeten bepalen waar middelen naartoe gaan, welke initiatieven er komen en welke acties ondernomen worden."

Stapje voor stapje

Onderzoeker Meij denkt dat er met de aanstelling van de aparte ministerspost een beweging in het armoedebeleid doorgezet wordt: "De mens komt meer centraal te staan, wordt langduriger ondersteund, zodat de resultaten op termijn ook beter zullen zijn. Dat gaat stapje voor stapje. Hopelijk kunnen die stapjes met deze minister sneller gezet worden."

Het nieuwe kabinet trekt 500 miljoen euro per jaar uit voor de hervorming van de arbeidsmarkt en de bestrijding van armoede en schulden.